W.J. Kos, voorzitter van de Raad van Bestuur van ASVZ (2009)

Een luisterend oor op de werkvloer is het fundament van medezeggenschap

Zorgkantoor DWO/NWN vindt het van groot belang dat cliënten binnen de zorginstelling waar ze verblijven, een sterke positie hebben. Bij de inkoop van zorg wordt er bijvoorbeeld op gelet of zorgaanbieders aantoonbaar gevolg geven aan aanbevelingen uit klantwaarderingsonderzoeken. Ook de positie van de cliëntenraad binnen de zorginstelling is van belang. Een gesprek over de organisatie van zeggenschap en medezeggenschap met Wim Kos, voorzitter van de Raad van Bestuur van ASVZ, en Peter Brandenburg, voorzitter van de centrale cliëntenraad van deze instelling.

ASVZ verleent zorg en diensten aan mensen met een verstandelijke beperking en ondersteunt hun ouders en verwanten daarbij. Ruim 4.000 medewerkers en 900 vrijwilligers zetten zich in voor zo'n 4.000 cliënten. ASVZ is dus een grote organisatie, met een budgetomvang van 177 miljoen euro in 2008, maar heeft een organisatievorm die eerder bij een kleinschalige instelling past. De medewerkers worden door meewerkende teamleiders aangestuurd, die op hun beurt sectormanagers boven zich hebben. Aan de top van de organisatiepiramide is er dan alleen nog de Raad van Bestuur. "Het idee daarachter is", zo legt bestuursvoorzitter Wim Kos uit, "dat de managementlijn in de dagelijkse praktijk van de zorg verankerd moet zijn, wil je goede cliëntenbegeleiding kunnen geven. De meewerkende teamleiders zijn zelf actief in de begeleiding van mensen, zodat ze zich heel goed realiseren wat nu eigenlijk de echte cliëntbehoeften zijn. Instellingen in de gehandicaptenzorg kunnen in het algemeen heel goed de klant in de missie en visie centraal stellen, maar de implementatie van dergelijke teksten is ongelofelijk moeilijk. Ik zal de laatste zijn die zegt dat ASVZ daar volledig in slaagt, maar doordat onze leidinggevenden midden in de praktijk staan, begrijpen ze goed wat cliënten zeggen of proberen te zeggen. Binnen ASVZ is dat de basis van zeggenschap en medezeggenschap."

Individuele zeggenschap

Wim Kos hecht veel waarde aan de individuele zeggenschap, hoe moeilijk die soms ook tot stand is te brengen. "De kern van zeggenschap is de regie over je eigen leven hebben. Daarom hebben we in de voorbereiding van het zorgplan een speciale plaats voor het interview met de cliënt ingeruimd. De persoonlijke begeleider die het zorgplan voorbereidt, heeft een persoonlijk gesprek met de cliënt over de onderwerpen die voor zijn zorg van belang zijn. Dat interview wordt vervolgens als een element in de zorgplanbespreking ingebracht. Cliënten die dat willen, zijn ook zelf bij die zorgplanbespreking aanwezig. Bij die bespreking is ook een verwante aanwezig, maar niet bij het interview. Onze medewerkers zijn speciaal voor dat interview met de cliënt getraind. Bij veel cliënten is het goed mogelijk om de kernpunten in zijn leven langs te lopen, maar bij mensen met heel ernstige beperkingen zijn andere constructies nodig. In hun geval wordt een speciale observatie benut als interview ten behoeve van het zorgplan. Aan de andere kant zijn er ook cliënten die zelfstandig wonen en rechtstreeks het contact met de organisatie onderhouden. Met hen hebben we een rechtstreeks gesprek over het zorgplan en is het interview niet nodig."

Wettelijke medezeggenschap

Vanzelfsprekend kent ASVZ ook de collectieve zeggenschap zoals die in de Wet Medezeggenschap Cliëntenraad Zorginstellingen (WMCZ) is voorgeschreven. Wim Kos: "De medezeggenschap is georganiseerd langs de lijnen zoals de organisatie is opgebouwd, vanuit het idee dat medezeggenschap de zeggenschap moet volgen. Aan de basis hebben we lokale cliëntenraden. Deze gaan over datgene wat je met elkaar in een woonvoorziening of een dagbesteding moet afspreken. In de lokale cliëntenraden zijn cliënten vertegenwoordigd en soms ook verwanten, al naar gelang de mogelijkheden die cliënten zelf hebben. Vervolgens hebben we sectorale cliëntenraden. Deze gaan over het gebied waar een sectormanager in opereert: bijvoorbeeld een bij elkaar passende regionale eenheid of een eenheid omdat mensen als doelgroep met elkaar hebben te maken. In deze sectorale cliëntenraden zitten zowel cliënten als verwanten. Op centraal niveau is er dan de centrale cliëntenraad, die helemaal uit verwanten is samengesteld."

Ook cliënten in de centrale cliëntenraad?

Voorzitter van de centrale cliëntenraad van ASVZ is Peter Brandenburg. Hij bekleedt deze functie sinds ruim een jaar. Voor die tijd, toen zijn inmiddels overleden broer nog binnen ASVZ verbleef, was hij voorzitter van een van de sectorale cliëntenraden. "De sectorale cliëntenraad staat dichter bij de cliënt dan de centrale cliëntenraad", aldus Brandenburg, "hoewel ook sectorale cliëntenraden soms nog onvoldoende feedback van bewoners krijgen. Als voorzitter van de centrale cliëntenraad vind ik dat cliënten ook op centraal niveau moeten kunnen meepraten. Natuurlijk is meepraten over bijvoorbeeld financiële zaken misschien net iets te hoog gegrepen - hoewel ik dat niet voor iedere cliënt zou durven zeggen - maar als het direct over leefomstandigheden en welzijn gaat, zouden zij daar zelf over moeten kunnen meepraten. Het punt is, dat verwanten al gauw vinden dat cliënten dat niet kunnen, maar er zijn voorbeelden - ik noem maar onze sectorale cliëntenraad Vincentius - waarin dat uitstekend gaat. Als zulke cliënten er zijn, geef ze dan de ruimte om mee te praten. Bij een andere instelling heeft de centrale cliëntenraad zelfs een voorzitter die uit de cliënten voortkomt. Ik vind dat een goede zaak. We hebben zelfstandigheid hoog in het vaandel staan - mensen moeten zelfstandig kunnen wonen, ze moeten steeds meer zelfstandig kunnen doen en voor zichzelf opkomen - maar als het over zeggenschap gaat, dan zeggen familie en verwanten dat zij wel kunnen beslissen. Natuurlijk is dat vaak ingegeven doordat ze een bepaalde vorm van bescherming willen bieden, ik zal het zelf ook wel hebben gezegd toen mijn broer nog leefde, maar op zich is het vreemd om over bijvoorbeeld een nieuwe woonvoorziening wel met verwanten en niet met cliënten te praten. We zullen meer tijd moeten besteden aan voorlichting en aan uitleg wat we bedoelen en misschien zal de snelheid van handelen iets worden vertraagd, maar dat moeten we dan maar voor lief nemen. Mijn ultieme wens is dan ook, dat als ik na zes jaar, de maximale termijn als voorzitter, afscheid van de centrale cliëntenraad moet nemen, dat er dan ook cliënten in de raad zullen zitten."

Coaches

Bestuursvoorzitter Kos plaatst enkele kanttekeningen bij de participatie van cliënten in de centrale cliëntenraad. Hij wijst op de ervaringen daarmee in het verleden bij een van de fusiepartners van ASVZ, waar de centrale cliëntenraad uitsluitend uit cliënten bestond. Na de fusie, nu vier jaar geleden, werd deze 'cliënten-cliëntenraad' nog twee jaar gehandhaafd, naast een 'verwanten-cliëntenraad'. "We hebben dat destijds geëvalueerd",  aldus Wim Kos. "Het bleek dat complexe beleidsthema's vaak niet werden besproken of zo werden versimpeld, dat de essentie ervan verloren ging. Cliënten vonden dat de besprekingen vaak te snel gingen of dat er zaken in de besprekingen werden aangehaald, die voor hen niet bekend waren. Omdat het hier een wettelijke medezeggenschap betreft, moet je dan als organisatie toch een andere weg zien te vinden om je beleidsnotities onder de loep te laten nemen. Het heeft overigens ook te maken met het type cliënten aan wie wij zorg verlenen. Gemiddeld genomen zijn dat mensen met zwaardere zorgzwaartepakketten, hetgeen ook iets zegt over de plaats die je aan ouders en verwanten wilt geven als het om medezeggenschap gaat."  Uit de evaluatie twee jaar geleden bleek, dat cliënten veel waarde hechten aan de wijze waarop hun zeggenschap in de sectorale cliëntenraden is georganiseerd. De cliënten die hierin participeren, hebben coaches toegewezen gekregen, die hen voor en tijdens vergaderingen begeleiden. Deze coaches zijn personeelsleden uit andere woonvoorzieningen dan de bewoners die zij begeleiden, zodat zij niet of nauwelijks bij de te bespreken onderwerpen betrokken zijn. Peter Brandenburg: "We zullen nog meer moeten inzetten op de rol van deze coaches. We doen daar bij ASVZ al veel aan, maar het kan nog beter. De investering daarin krijg je dubbel en dwars terug."

Permanente scholing

Wim Kos ziet tot slot nog een andere mogelijkheid om de positie van cliënten verder te versterken. "Om zeggenschap niet te laten verpieteren, zullen we voor een soort permanente scholing moeten zorgen, niet alleen van de medewerkers, maar vooral ook van de cliënten, om hen de kracht te geven die hen in staat stelt van zich te laten horen. We moeten cliënten in de positie brengen waarin ze kunnen laten merken dat zij het zijn die in deze instelling wonen en dat de medewerkers er zijn om voor hen te werken. Zij, de cliënten, zijn de kern van ASVZ. We hebben al jarenlang een serie van trainingen gedaan om dat bewustzijn te versterken. Veel cliënten zijn daar met plezier naar toe gegaan, omdat ze leren dat zeggen wat hen dwars zit, in de dagelijkse gang van zaken rendement heeft. Veel mensen hebben jarenlang op instellingen gewoond waar de zeggenschap matig tot niet geregeld was. Juist deze groep moeten we leren dat ze er mogen zijn en dat zij het hier voor het zeggen hebben. Dat is niet altijd gemakkelijk, dat vergt veel geduld en inzet, maar het is wel de moeite meer dan waard!"

Verschenen in: Jaarverslag 2009 van Zorgkantoor DWO/NWN

Peter van Steen, tekstschrijver, info@petervansteen.nl