S. Boerema, directeur van efm onderlinge schepenverzekering (2008)

Voor de wind en goed op koers

Nationale sloopregelingen, Europese saneringsregelingen, de afschaffing van de evenredige vrachtverdeling, schaalvergroting en een andere exploitatie van schepen hebben ertoe geleid dat de Nederlandse binnenvaartvloot aanmerkelijk is ingekrompen en dat momenteel nog slechts vier onderlinge schepenverzekeraars in Nederland werkzaam zijn. Gelukkig gaat het voor de wind met efm in Meppel. Een gesprek over deze maatschappij met directeur Tom Boerema.

Tom Boerema staat sinds 1 januari 2008 aan het roer van efm. Een maand later ging zijn voorganger, Jacob Visscher, met vroegpensioen. Tom Boerema kwam op 1 augustus 1997 in dienst van efm als schade-expert. "Ik kwam toen van zee," vertelt hij. "Ik heb na de Hogere Zeevaartschool in Amsterdam altijd als machinist op de grote vaart gevaren, het laatst op zwareladingschepen. Toen ik met varen wilde stoppen, zocht efm een expert met motorenkennis en hoewel ik niets van de binnenvaart wist, werd ik toch aangenomen als leerling-scheepsexpert. In het begin had ik nog veel met mijn oude vak te maken. Ik ging alleen niet meer op reis, behalve dan naar Rotterdam, Dordrecht, Nijmegen en een enkele keer naar Antwerpen, maar dat vond ik wel lekker. Het gaf een stukje rust. Nadat me was bijgebracht wat een binnenvaartschip is, hoe het gebouwd is en hoe de binnenvaart in elkaar zit, ging ik van lieverlee steeds zelfstandiger werken. Mijn taak was schepen inspecteren en taxeren en schades, hoofdzakelijk motorschades, begroten. Ik begon me daarnaast te interesseren voor het reilen en zeilen achter de schermen van de maatschappij en heb toen ook mijn assurantiepapieren gehaald. Een jaar of drie, vier geleden ben ik gevraagd of ik er eventueel interesse in had directeur te worden. Dat leek me natuurlijk wel een uitdaging."

Service en maatwerk

"Het is een hartstikke mooie club om voor te werken," vervolgt Boerema. "Het is ook een financieel gezonde club, het gaat boven verwachting goed. Sinds 1999 is het premie-inkomen gestegen van circa 25 miljoen gulden naar 17,5 miljoen euro per jaar. We hebben de markt mee gehad. De premies op de beurs zijn flink gestegen en onze premies gingen met de markt mee. We hebben ook veel groei gezien bij onze bestaande klanten, die een groter schip kochten of een tweede schip erbij. Ook onze strategie om alles met eigen mensen te doen, met eigen experts in dienst, heeft goed gewerkt. Daarnaast bieden wij veel services. Wij keuren alle schepen, onze experts zijn geaccrediteerd door het Ministerie van Verkeer & Waterstaat, dus wij mogen schepen certificeren. De klant krijgt daar een rapport over. In de recreatievaart zit standaard een rechtsbijstandverzekering en een aansprakelijkheidsverzekering voor letsel in het pakket. En de klant kan altijd bij ons met vragen terecht. Onze medewerkers hebben specialistische nautische kennis. Wij moeten het daarom echt van van-mond-tot-mond-reclame hebben en van mensen die geen prijskopers zijn, maar die een goed product willen." Service betekent voor efm vooral ook maatwerk. "Vroeger deed de drogeladingvaart bijna allemaal hetzelfde," legt Boerema uit. "Tegenwoordig vaart de een containers, de ander kolen, die vaart vast op Frankrijk en die op Duitsland. De een wil voor het geval hij een schade heeft een doorvoerverzekering hebben en de ander een tijdverletverzekering. Er is meer elektronica aan boord gekomen en er wordt meer met vreemd personeel gevaren, dus daar moet je ook wat voor regelen. Ons productenpakket is dus sterk uitgebreid en onze verzekeringsvoorwaarden zijn flink veranderd."

Kosten- en schadebeheersing

efm is niet in de laatste plaats een gezond bedrijf doordat goed op de kosten wordt gelet en schadebeheersing hoog in het vaandel staat. Twee keer per jaar krijgen alle deelgenoten en verzekerden een infoblad toegestuurd, waarin veel voorkomende schades worden behandeld en de mensen bewust worden gemaakt van de risico's die zij lopen. Tom Boerema: "Ook doordat we de eigen risico's hebben verhoogd en een no-claim-systeem hebben ingevoerd, zien we het aantal schades dalen. Wel zijn de schades die vallen, groter, gecompliceerder en bewerkelijker. Wat dat betreft is ook in de wet- en regelgeving veel veranderd, bijvoorbeeld op het gebied van de bevrachtingsvoorwaarden. Er is een nieuw verdrag gekomen, het CMNI-verdrag, dat steeds meer aansprakelijkheid bij de eigenaar van het schip legt. Vroeger was de schipper bij bepaalde bevrachtingsvoorwaarden niet aansprakelijk voor schade aan de lading als gevolg van een nautische fout, maar tegenwoordig is er een vervoersplicht. Als het schip kapotvalt, moet de eigenaar zorgen dat de lading toch nog op tijd op de bestemming komt. Lukt dat niet, dan is hij aansprakelijk voor een deel van de ontstane vertragingsschade. Dergelijke veranderingen maken ons werk een stuk lastiger."

Ontwikkelingen

De veranderingen ten aanzien van de aansprakelijkheid is een belangrijke ontwikkeling die in de komende jaren nog de nodige aandacht zal vragen. Daarnaast vraagt compliance veel tijd van het management van efm. De maatschappij heeft met externe hulp het compliance-verhaal goed op orde gekregen en beschikt nu over een compliance-officer. Deze functionaris is tevens bestuurssecretaris, kwaliteitsmanager (efm is ISO-gecertificeerd) en hoofd personeel en organisatie. Een derde ontwikkeling die in de komende jaren van belang is, betreft Solvency II. Door de groei in het afgelopen decennium heeft efm een behoorlijk eigen vermogen kunnen vormen. In het verleden was vooral de Friesche Maatschappij wars van vermogensvorming: wat aan het einde van het boekjaar overbleef, werd aan de deelgenoten teruggegeven. Na de fusie zag het bestuur toch in, dat langzamerhand wat vet op de botten moest worden gekweekt en dat heeft ertoe geleid dat efm nu zo'n 8 miljoen euro aan eigen vermogen heeft. Tom Boerema tot slot: "Nu Solvency II eraan komt, is het maar goed dat mijn voorgangers hierover hebben nagedacht. We staan er nu financieel goed voor. Onlangs hebben we aan de kwantitatieve impactstudie QIS4 meegedaan en daaruit blijkt dat we wat het eigen vermogen betreft goed op koers liggen. Volgens de laatste berekeningen zullen wij in 2012 aan alle eisen voldoen."

Kadertekst:

Marktleider

efm onderlinge schepenverzekering u.a. in Meppel is het resultaat van drie fusies. In 1970 fuseerde de Eensgezindheid (in Hasselt) met de Dedemsvaartse Onderlinge Verzekeringsmaatschappij van IJzeren Schepen. In 1990 fuseerde de Friesche Maatschappij tot Onderlinge Verzekering van Schepen (in Heerenveen) met de Eerste Drentsche Onderlinge Schepenverzekering (EDOS). Vervolgens werd op 1 mei 1999 de fusie van de Eensgezindheid met de Friesche Maatschappij beklonken. Bij efm werken momenteel 37 medewerkers. De maatschappij heeft circa 1.950 beroepsschepen in portefeuille en 5.500 recreatievaartuigen. In totaal vertegenwoordigen deze schepen op dit moment een waarde van 1,9 miljard euro. Wat de beroepsschepen betreft, is efm marktleider in de drogeladingvaart (met 1.150 schepen) en in de zeilende passagiersvaart (met circa 280 tjalken en klippers die voornamelijk op het IJsselmeer varen). De overige beroepsschepen in de portefeuille zijn tankers en alle overige schepen die beroepsmatig op de binnenwateren varen. efm verzekert geen schepen in de kust- en zeevaart, geen houten schepen en geen vaartuigen die harder dan dertig kilometer per uur gaan (speedboten). Het vaargebied is beperkt tot de binnenwateren van Europa en een deel van de Noordzee en de Oostzee.

Verschenen in: 'de Onderlinge' (2008)

Peter van Steen, tekstschrijver, info@petervansteen.nl