F.J.D. Goldschmeding, oprichter en algemeen directeur van Randstad Holding (1995)

De eerste uitzendkracht: een directiesecretaresse!

Dr. F.J.D. Goldschmeding is algemeen directeur van Randstad Holding NV en heeft de onderneming ook opgericht. Randstad heeft een leidinggevende positie in de uitzendmarkt, met name ook van hoger administratief en secretarieel personeel. Onder andere daarom werd Goldschmeding uitgenodigd als gastspreker -over flexibilisering van de arbeidsmarkt- tijdens het jubileumcongres van de NVD. Daaraan voorafgaand hadden we een ontmoeting met hem in het imposante hoofdkantoor van Randstad in Diemen. "Uitzenden is een gamma-vak," aldus Goldschmeding en hij voegde de daad bij het woord door zijn innemende manier van vertellen.

"In het allereerste begin," aldus Goldschmeding, "toen wij ons uitzendbureau startten, was de aller-allereerste uitzendkracht een directiesecretaresse. Zal ik je het hele verhaal vertellen?" Graag - vanzelfsprekend!

Scriptie

"In 1960 was ik derdejaars student economie in Amsterdam en moest ik een scriptie schrijven over georganiseerde tijdelijke arbeid. Daar was toen ontzaglijk weinig van bekend. Literatuur was er niet en ik heb toen maar gewoon zitten bedenken hoe in economische zin de georganiseerde uitzendarbeid zich eventueel zou kunnen ontwikkelen. Ik was daar zeker twee maanden bijna dag en nacht mee bezig, ik vond het zo ongelooflijk interessant! Bijna elk onderdeel van de hele studie -prijsvorming, reclame, marketing, macro-economische zaken, de ontwikkeling van de arbeidsmarkt- kwam erbij aan bod."

Meteen beginnen

"Nadat ik de scriptie had afgerond kwam ik op de sociëteit. 'Frits, we hebben je al hele tijden niet gezien!' zei men, dus ging ik aan het praten over wat ik bestudeerd had. Toen ik 's nachts terug naar huis fietste, samen met mijn medestudent Dalebout, was ik daar nog over bezig en ik stelde hem voor om samen een uitzendbureau te beginnen - maar dan ook meteen, 's nachts om drie uur, op mijn kamer. Dat hebben we gedaan. Hij heeft een folder richting uitzendkrachten geschreven, ik een folder richting bedrijven, we hebben er stencils van gemaakt en die zijn we gaan bezorgen bij bedrijven en in flatgebouwen in Amstelveen waarvan we veronderstelden dat daar wel mensen in onze doelgroepen zouden wonen."

Help een klant!

"Een dag of drie later belde Fiat-importeur Leonard Lang en die vroeg of ik hem aan een directiesecretaresse zou kunnen helpen. Ze moest kunnen stenograferen in alle moderne talen en het zou mooi meegenomen zijn als ze ook zelfstandig kon corresponderen. 'Ik zal eventjes in mijn kaartenbak kijken en dan bel ik u terug', zei ik, maar nadat ik had opgehangen dacht ik: jeminee, wat moet ik nou?! Dus ik belde mijn collega op, maar hij wilde mij eerst wat zeggen: hij had zijn eerste sollicitante ontvangen! Het was ook allemaal fantastisch gegaan met de testen die we hadden uitgevonden voor secretaresses en typistes enzovoort, ze maakte een zeer professionele indruk, ze had absoluut het niveau van een directiesecretaresse, ze kon stenograferen in alle moderne talen en ze kon nog corresponderen ook. 'Nou,' zei ik, 'verder hoef je niet te praten, ik heb een aanvraag voor haar!'"

Uitzendbureau Amstelveen

"Gelukkig vroeg de klant niet naar het tarief en of er sociale lasten betaald moesten worden en of we omzetbelastingplichtig waren, want dat had ik allemaal niet geweten. Daar hebben we die eerste week keihard aan gewerkt. We hebben ook facturen laten drukken, werkbriefjes gemaakt, alles en alles hebben we die week gedaan. We noemden ons toen Uitzendbureau Amstelveen. We hadden enig succes, maar omdat we onderhand hard studeerden, konden we er maar beperkte aandacht aan geven. Na ons afstuderen in 1963 hebben we een kleine kantoorruimte gehuurd op de Koninginneweg in Amsterdam. We hadden toen de hele dag de tijd, we konden de volledige dag bellen, we hebben mailingen uitgestuurd, adressenbestanden opgebouwd, kortom, een maand later was de omzet verdubbeld. En weer een maand later verdubbelde de omzet weer. Inmiddels waren we ook al een kantoortje in Leiden begonnen, bij een kennis van ons, en we zouden een ander kantoor in Delft openen. Vanaf dat moment zijn we Randstad gaan heten."

Hoge naamsbekendheid

"In 1965 hebben we bijna de naam Randstad veranderd. We zouden dat jaar naar België gaan en later, in 1967 naar Engeland en in 1968 naar Duitsland. In België hebben we de naam Interlabor genomen, maar toen we naar Engeland gingen, kon dat natuurlijk niet. Want Labour is daar een politieke partij en 'Interlabour' - dat gaat niet. En in Duitsland kon het ook niet, want Labor betekent laboratorium en dat paste niet goed. In 1967 kregen we contacten met Total Design en dit bureau heeft toen onze hele huisstijl gemaakt. Die huisstijl was zo ontzaglijk goed, dat we het jammer vonden dat we die ook niet in België konden gebruiken. We zijn daarom toen een tweede bureau in België begonnen, onder de naam Randstad Interim, en na een jaar hadden we daarmee een even grote marktbekendheid als met Interlabor. Toen wisten we dat we die naam verder konden gebruiken. Ook nu we in de Verenigde Staten zitten, hebben we besloten om onder de naam Randstad te gaan. We hebben daar inmiddels een hele hoge naamsbekendheid opgebouwd. Dat heeft natuurlijk ook te maken met het feit dat we sponsor zijn geworden van de Olympische Spelen in 1996 in Atlanta. Het mooie is, dat de naam Randstad een anagram is van het woord 'standard', het zijn dezelfde acht letters. So is Randstad the new Standard in staffing-services!"

De eerste uitzendkracht van Randstad was dus een directiesecretaresse - sindsdien is het bureau altijd nummer één in Nederland geweest op het gebied van uitzendkrachten voor de hogere kantoorfuncties. Tot 1975 heeft Randstad uitsluitend administratief, boekhoudkundig en secretarieel personeel uitgezonden (en pas daarna ook industrieel personeel). In de week waarin we de heer Goldschmeding interviewden, was zijn eigen secretaresse, mevrouw Hielkje Beetsma, enige dagen met verlof. Het was daarom het juiste moment voor een gewetensvraag: kunnen directiesecretaressen door uitzendkrachten worden vervangen?

"Er zijn zoveel dingen waar een directiesecretaresse van weet -zo gaat het althans tussen Hielkje Beetsma en mij- zowel zakelijk als privé -je probeert die zaken zo goed mogelijk gescheiden te houden, maar dat lukt natuurlijk niet altijd- en er zijn zo ontzaglijk veel kleine dingen die zij moet weten en waarmee zij kan helpen, dat je somtijds zegt: zo'n directiesecretaresse is niet vervangbaar. Wat wij wel zien, en dat merk ik zelf ook, is dat zeker bij zeer ervaren secretaresses toch zeventig à tachtig procent van hun werk ongeveer gelijk is. Met een bepaalde handigheid slaat men zich doorgaans wel door de moeilijkheden heen. Dus het lukt wel om een directiesecretaresse te vervangen tijdens vakantie of ziekte, alleen niet voor de volle honderd procent. Maar als je kunt kiezen tussen tachtig procent of niets, dan is de keuze voor een directeur gemakkelijk, anders kan hij het werk gewoon zelf doen."

Goldschmeding is algemeen directeur van een multinationale uitzendorganisatie en beziet daarom de vraagstelling, naar de vervangbaarheid van directiesecretaressen, liever niet persoonlijk, als klant, maar zakelijk, als leverancier. Het is niet alleen aan de klant om flexibilisering van de arbeidsmarkt te bewerkstelligen, maar zeker ook aan de leverancier - in casu Randstad. Goldschmeding zegt tot slot:

"Het belangrijkste voor ons is, dat we op onze vestigingen mensen hebben die goed kunnen interviewen en op een gelijk sociaal niveau staan als de groep mensen die zij uitzenden. In de tweede plaats moeten we voor elke beroepsgroep voldoende deskundigheid in huis hebben. Accountants moet je hele andere vragen stellen dan directiesecretaressen. En vervolgens is het de marketingmethode, richting uitzendkracht en richting bedrijf. De uitzendkrachten moeten zich bij ons thuis voelen. Zij moeten kunnen zien dat onze mensen deskundig zijn en dat het mensen zijn die hen kunnen beoordelen. Dit moet de klant ook zien, zeker als het over de functie van directiesecretaresse gaat. Dan moeten we dat vertrouwen zeer zeker ook van de top proberen te winnen. Als je dat een aantal keren goed hebt gedaan, dan denkt men er de volgende keer niet lang meer over na welk uitzendbureau moet worden gebeld. Wie goed wordt bediend, belt de volgende keer weer. Dit is natuurlijk in het bijzonder zo als je de directie van het bedrijf goed bedient. Niet voor niets heeft Randstad een marktaandeel van veertig procent in Nederland!"

Verschenen in: Special Magazine van Revue Arts, 1995

Peter van Steen, tekstschrijver, info@petervansteen.nl