C.P.G. van Dongen, voorzitter van het BPMN (1995)

Vragen en opmerkingen onmiddellijk afhandelen!

Het voorzitterschap van het BPMN-bestuur (en daarmee ook dat van Mn Services) wisselt jaarlijks: het ene jaar wordt het door een vertegenwoordiger van werkgeverszijde vervuld, het andere jaar door een vertegenwoordiger van werknemerszijde. Gedurende het lopende bestuursjaar is het voorzitterschap in handen van ir. C.P.G. van Dongen - werkgever. Wie is Van Dongen en heeft hij speciale plannen nu hij voorzitter is? Hij zegt: "De voorzitter is de eerste onder zijn gelijken - met de nadruk op gelijken. Als hij het goed doet, drukt een voorzitter nergens zijn stempel op!"

Kees van Dongen (54) is opgegroeid in Den Helder en geschoold in de elektrotechniek aan de HTS in Breda. Weer in Den Helder vervulde hij zijn militaire dienst, als reserve-officier bij de elektrotechnische dienst van de marine. Aansluitend ging hij bij Hoogovens werken -aan de organisatiekant, maar ook in het onderhoud en aan de produktiekant, dat laatste met name in de warmbandwalserijen- èn ging hij studeren aan de Technische Universiteit (toen nog Hogeschool) in Delft. Van Dongen kwam vervolgens in de bouwnijverheid terecht en werd belast met de directievoering van overgenomen bedrijven. Eén van die bedrijven, het installatiebedrijf Schilperoort met een hoofdvestiging in Rotterdam en nevenvestigingen in Groningen, Amsterdam, Lelystad, Arnhem en Breda, wist Van Dongen voor zijn werkgever over te nemen, maar later kocht hij het zelf terug, privé, via een management-buy-out. Dit installatiebedrijf heeft Van Dongen bijna twintig jaar geleid. Twee jaar geleden verkocht hij het aan het Zwitserse concern Sulzer, Europees marktleider op het gebied van centrale verwarming en airconditioning. Momenteel is Van Dongen niet meer bij één bedrijf betrokken, maar heeft hij deelnemingen in verschillende bedrijven. Daarnaast heeft hij een aantal bestuurlijke functies. Zo is hij voorzitter van de Vereniging van Nederlandse Installatiebedrijven (VNI), president-commissaris van een hotelketen en nu ook voorzitter van het BPMN-bestuur. Welke interesse heeft een technisch opgeleid man in een pensioenfonds? "Ik ben geen techneut," zegt Van Dongen. "In de kern heb ik nooit pure techniek gedaan. Ik heb altijd aan de organisatorische kant gewerkt en ik ben langzamerhand de algemene, financiële en commerciële kant uitgegroeid. Als bij mij thuis de tv het niet doet, dan geef ik er een klap op. Doet hij 't dan weer, dan is dat meegenomen. Is dat niet het geval, dan breng ik 'm weg - naar een expert."

Kamerbreed

Van Dongen kent Mn Services al heel wat jaren. In 1981 werd hij voorzitter van het opleidingsfonds OLC waarvoor -toen nog- ASR de administratie voerde. "Die eerste kennismaking was een prettige," vertelt Van Dongen. "Ik was onder de indruk van de kennis binnen het bedrijf - en ook een beetje van de omvang ervan: ik vond het wat groot. Bovenal vond ik de medewerkers hele vriendelijke mensen, die -en dat was de andere kant van de medaille- wel erg veel overleg met elkaar voerden, kamerbreed! Maar de balans was en is positief." Natuurlijk heeft Van Dongen ook als werkgever met Mn Services te maken. "Daar zitten meestal wat haken en ogen aan," zo zegt hij. "De regelingen zijn ingewikkeld en de mensen die vragen hebben willen graag onmiddellijk antwoord hebben. Dat is voor Mn Services weleens een probleem. Men moet zich heel goed realiseren welke individuele belangen van werknemers er tegenover staan. Een man die graag de VUT in wil en pas een maand van tevoren te horen krijgt dat hij dat kan, die heeft daar moeite mee."

Communicatie

Van Dongen heeft de diverse organisatorische veranderingen binnen Mn Services van nabij meegemaakt. Persoonlijk vindt hij de externe oriëntatie en de klantgerichtheid die nu worden nagestreefd, buitengewoon belangrijk. Enerzijds mag daarbij de deskundigheid van de mensen die het betreffen niet worden onderschat. Hij zegt: "Mijn ervaring is dat werknemers in het algemeen een hele heldere kijk hebben op moeilijke zaken zoals bijvoorbeeld pensioenen. Ze informeren zich, ze worden geïnformeerd door de werkgever en ze lezen alles wat erover verschijnt misschien nog wel veel nadrukkelijker dan ik. Bovendien hebben zij een helder zicht op hun persoonlijke situatie en op de combinatie van wat mogelijk is en wat hen het beste past." Van Dongen stelt anderzijds dat de externe communicatie zo veel mogelijk moet worden afgestemd op verschillende kennisniveaus. Hij zegt: "Er is een groot verschil tussen de kennis en kunde bij Mn Services en bij de ondernemingen. De gemiddelde ondernemingen in de bedrijfstak zijn klein, gemiddeld zo'n tien man. Zaken als pensioen, VUT en opleidingsfonds zijn daarvoor hele moeilijke regelingen, die niet de kern van hun bedrijfsvoering raken. Het communiceren, zowel schriftelijk als mondeling, in zo'n ongelijk-waardige verhouding, vereist nogal wat aanpassing van degene die de meeste know-how in huis heeft. En dat is Mn Services. Belangrijk is dat je met mensen communiceert die concrete vragen hebben en gewoon vandaag nog een antwoord willen hebben."

Persoonlijk betrokken

Gevraagd naar enkele actuele onderwerpen in de BPMN-bestuursvergaderingen, noemt Van Dongen allereerst de verplichtingen van het pensioenfonds op de lange termijn en daarmee samenhangend de 'matching' tussen de 'assets' en de 'liabilities' in de beleggingen. Hij zegt: "Het is voor alle pensioenfondsen de kunst om de wijze van beleggen zo goed mogelijk aan te passen aan de verplichtingen. Mede gelet op het feit dat het BPMN veel in vastrentende waarden zit, is dit een heel actueel onderwerp!" Als tweede noemt Van Dongen de flexibilisering van de pensioenregelingen, waarbij ook de relatie tussen VUT en pensioen aan de orde zal komen. "De waslijst van actuele kansen en bedreigingen is erg lang hoor!" aldus Van Dongen. Hij vindt zelf de hoeveelheid werk voor BPMN meevallen, maar het is niettemin een behoorlijke tijdsinvestering. Hij zegt: "Ik ben van mening dat je als ondernemer niet alleen de taak hebt om winst te maken in je eigen onderneming, maar ook om daarnaast iets bij te dragen aan het algemeen maatschappelijk belang. Daarom doe ik deze bestuurlijke functies." Van Dongen voelt niet alleen een maatschappelijke verplichting, maar zeker ook een persoonlijke betrokkenheid. Hij zegt tot slot: "Opmerkingen van collega's over het BPMN of Mn Services vind ik heel vervelend. Ik ga er ook onmiddellijk achteraan. Ik trek het me niet persoonlijk aan -je kunt je niet alles aantrekken- maar als iemand bij mij klaagt, dan neem ik daarop onmiddellijk actie. Want als je een snel antwoord geeft, dan is het over. Als je een paar weken wacht, dan is hetzelfde verhaal inmiddels aan tien anderen doorverteld. En het zou natuurlijk ook heel erg slecht zijn, dat als iemand bij de voorzitter zijn beklag doet, hij na twee maanden zou kunnen zeggen: zelfs dàn gebeurt er niets!"

Verschenen in: Mn Koerier, 1995

Peter van Steen, tekstschrijver, info@petervansteen.nl