|
||
|
R. Hoyng, directeur beleggingen van Mn Services (1994)
"De verplichtingen hollen voor ons uit!"Nederlandse pensioenfondsen zijn mondiaal gezien relatief groot. Het Bedrijfspensioenfonds voor de Metaalnijverheid hoort zelfs tot de top 200 van de hele wereld. In Nederland is BPMn het op één na grootste bedrijfspensioenfonds (PGGM is het grootste). Eind vorig jaar bedroeg het belegd vermogen ruim 16 miljard gulden. De dertig medewerkers van het directoraat Beleggingen moeten dit enorme bedrag niet alleen goed 'bewaren' - nee, ze moeten er ook zoveel mogelijk geld mee verdienen. Juist nu de verplichtingen van het fonds sterk gaan stijgen wordt een hoge beleggingsopbrengst meer en meer noodzakelijk. Er gaat daarom veel veranderen bij Beleggingen en daarover gaat deze special van de Koerier. Over de nieuwe visie en strategie, de nieuwe organisatie en beleggingsinstrumenten, hieronder allereerst een gesprek met Rob Hoyng, directeur Beleggingen. Toen Hoyng in 1986 de leiding van Beleggingen op zich nam, bedroeg het belegd vermogen 8 miljard gulden. Dit bedrag was volledig belegd in 'veilige' vastrentende waarden (met name leningen op schuldbekentenis) en wat onroerend goed (met name woningen). Beleggingen in aandelen en obligaties waren er vrijwel niet. In de zeven jaar daarna is er veel veranderd en is het belegd vermogen verdubbeld. Toch is dit geen reden om nu voldaan achterover te leunen - integendeel. "We hebben ons beleid moeten veranderen," zegt Hoyng, "en die verandering is met name ingegeven door de verplichtingenkant van het fonds. Door diverse oorzaken - looninflatie, overheidsmaatregelen - hollen de verplichtingen voor ons uit. Wij moeten niet alleen die verplichtingen ruimschoots bijhouden, maar vooral ook ver overstemmen. Want dan kan de premie in de bedrijfstak naar beneden en dat is punt één van onze nieuwe richting! Het is noodzakelijk om maximaal geld te verdienen om zo de premie in de bedrijfstak te kunnen verlagen." Optimale mixMaximaal geld verdienen - dat doet denken aan maximale risico's. "De mooiste bloemen groeien aan de afgrond," zegt immers ook Hoyng zelf. Maar in de afgrond storten is natuurlijk niet de bedoeling. Hoyng legt uit dat het beleggingsbeleid allereerst aan drie eisen moet voldoen: er moet een vaste inkomensstroom zijn (bijvoorbeeld door vastrentende leningen, die continu geld opleveren), er moet sprake zijn van waardegroei (bijvoorbeeld door aandelen) en er moet sprake zijn van dekking tegen (loon)inflatie (bijvoorbeeld door langdurige, geïndexeerde verhuurovereenkomsten van kantoorgebouwen en waardestijging van woningen). Deze drie eisen pakken voor verschillende pensioenfondsen anders uit. Een mijnwerkerspensioenfonds, met uitsluitend oudere deelnemers, heeft bijvoorbeeld een hoge vastrentende geldstroom nodig. Het BPMN, met een veel jongere populatie van deelnemers, kan zich daarentegen meer richten op waardegroei. Het is daarom de kunst om - gezien de aard van het fonds - de juiste mix te vinden van beleggingsinstrumenten. Met andere woorden, het gaat om de optimale verdeling van het vermogen over vastrentende waarden, aandelen, onroerend goed en liquiditeiten. Deze optimale mix wordt bepaald door ALM: Asset Liability Management. Dit is een theoretisch model waarmee op basis van opbrengstverwachtingen en risico's de juiste beleggingsmix wordt gevonden, die past bij de verplichtingen van BPMN. Die mix is dan niet absoluut, maar een gemiddelde binnen bepaalde bandbreedten. AandelenHoyng: "Met ALM hou je vooral de risico's in de gaten. Hoe meer je je nek uitsteekt om geld te verdienen, hoe hoger de risico's zijn - over het algemeen. Nu is 'risico' een uitgesproken moeilijk begrip, maar de meeste mensen hebben er wel een bepaald gevoel bij. Men begrijpt ook dat je tot enige hoogte een risico mag lopen - zeker als dat ten gunste gaat van extra geld verdienen dan wel minder premie betalen. En wij zijn verplicht om relatief meer geld te verdienen, anders houden we de verplichtingen niet bij. Het is daarom nodig om andere beleggingscategorieën in huis te halen, bijvoorbeeld aandelen. Aandelen zijn 'gevaarlijker' zou men kunnen zeggen, risicovoller. Maar over het algemeen hebben aandelen op de langere termijn een beduidend hoger rendement. Vorig jaar was een opvallend mooi aandelenjaar, met opbrengsten tot vijftig procent in Nederland en tot honderd procent in het Verre Oosten. Als je dan met leningen zit van vijf à zes procent, dan schiet dat natuurlijk niet op. Met aandelen zijn er ook de nodige jaren van zware tegenslag, maar op de langere termijn is de opbrengst beduidend beter. Bijvoorbeeld staatsobligaties van twintig jaar geleden zijn nu met een factor zeven gegroeid, terwijl aandelen Shell en Unilever in dezelfde tijd met meer dan een factor vijftig zijn gegroeid!" Actief en flexibelDe studie naar de optimale beleggingsmix in het kader van ALM zal over enkele weken uitmonden in een presentatie van de uitkomsten aan het bestuur. Nu al is zeker - en Hoyng heeft dat hierboven ook aangegeven - dat gezien de aard van het fonds (samenstelling en verplichtingen) een actiever beleggingsbeleid mogelijk en noodzakelijk is. "Daarvoor moeten wij een grotere flexibiliteit hebben," zegt Hoyng. "Flexibiliteit in die zin, dat we meer op markten kunnen inspelen en niet alleen afhankelijk zijn van de rente die in Nederland geldt." Een actiever beleggingsbeleid en meer flexibiliteit in de werkwijze: dat lukt nauwelijks met de bestaande organisatie. In vergelijking met andere pensioenfondsen is het aantal medewerkers nu al opmerkelijk (en riskant) klein. De omvang van het belegd vermogen zal toenemen, evenals de hoeveelheid en de ingewikkeldheid van het werk. Een uitbreiding van de organisatie is daarom noodzakelijk. In de volgende bijdrage in deze special wordt de blauwdruk van die uitbreiding besproken. "Voor onze nieuwe plannen hebben we meer mensen nodig," zegt Hoyng. "Die plannen kun je niet met een paar mensen aanpakken. We hebben mensen nodig die snel grote beslissingen durven te nemen, internationaal kunnen opereren, hun talen spreken, hard willen werken en zeer creatief zijn. Aan deze mensen moeten hoge eisen worden gesteld!" Visie"Wij werken voortdurend aan onze visie op beleggen," zegt Hoyng tot slot. "Die visie schaven we ieder jaar bij, want de ontwikkelingen gaan in een razend tempo. Belangrijk is nu de verlegging van de interesse naar meer geld verdienen ten opzichte van de angst om iets te verliezen. Natuurlijk blijven we voorzichtig - alleen onze defintie van voorzichtig is veranderd. Want als je heel voorzichtig bent en niets durft, dan ben je een dief van je eigen portemonnee. En achteraf kunnen de deelnemers aan het fonds dan terecht zeggen: waarom moeten wij zoveel premie betalen, terwijl in een andere bedrijfstak bijna niets meer wordt betaald? Eén van de hoofdelementen zal dan zijn dat dat andere fonds in de loop der jaren beduidend beter belegd heeft!" Verschenen in: Mn Koerier, 1994 Peter van Steen, tekstschrijver, info@petervansteen.nl |