M. de Boer, voorzitter van de Raad voor de Wadden (2010)

'Men luistert naar elkaar'

De Raad voor de Wadden adviseert de regering over het waddengebied vanuit een ondubbelzinnig perspectief: het unieke karakter van het waddengebied moet ook bij economische activiteiten worden bewaard en gespaard. Een gesprek met de voorzitter ervan, mevrouw Margreeth de Boer.

De Raad voor de Wadden is de voortzetting, na een kleine structuurverandering, van de Waddenadviesraad. Deze raad werd in 1982 ingesteld. Gedurende twintig jaar, van 1983 tot 2003, was PvdA-coryfee mevrouw Siepie de Jong er de voorzitter van. In 2003 werd mr. Roel Cazemier voorzitter van de Raad voor de Wadden, die op zijn beurt in 2008 werd opgevolgd door Margreeth de Boer.

Grote liefde

Margreeth de Boer was in haar rijke bestuurlijke loopbaan onder meer burgemeester van Leeuwarden, Commissaris van de Koningin in Drenthe en minister van VROM. Zij werd ongetwijfeld vanwege haar bestuurlijke ervaring voor de functie van raadsvoorzitter gevraagd, "maar daar komt bij dat ik een grote liefde voor de wadden heb. Een kleine twintig jaar heb ik elk jaar met mijn kinderen op de wadden gekampeerd en mijn kinderen en kleinkinderen zetten dat nu voort. Het werk in de raad is uitermate boeiend. Veel van wat er speelt, wist ik natuurlijk al, maar dringt nu nog eens extra goed tot me door. Zo heb ik eigenlijk pas in het afgelopen jaar de schoonheid van de waddenkust van Friesland en Groningen ontdekt. In de zomer heb ik een aantal schitterende wandelingen langs deze kust gemaakt, prachtig!"

Van divers pluimage

In het actieprogramma Andere Overheid - een operatie die enkele jaren geleden werd ingezet naar meer efficiëntie en minder bureaucratie - werd ook het stelsel van adviesraden op de schop genomen, maar wist de Raad voor de Wadden de dans te ontspringen. De Boer: "Men vond destijds dat de Raad voor de Wadden een heel eigen positie had, afwijkend van die van de andere raden. De Raad voor de Wadden houdt zich niet met één problematiek bezig, maar met de integrale problematiek van een geografische eenheid. Het gebied beslaat de Waddenzee, de Waddeneilanden, het noorden van Groningen en Friesland en een deel van de kop van Noord-Holland. De andere raden beperkten zich tot bijvoorbeeld water, volkshuisvesting, milieu of het landelijk gebied, terwijl wij ons met al deze thema's bezighouden, maar dan alleen voor het gebied van de wadden." Het betekent dat in de Raad voor de Wadden veel verschillende disciplines zijn vertegenwoordigd. De raad telt maar liefst veertien leden, van divers pluimage:  natuurbeheer, plattelandsontwikkeling, landbouw, openbaar bestuur, ecologie, economie, energie, recreatie en toerisme, visserij, menswetenschappen, juridische kennis en sociaaleconomische bedrijvigheid. "We moeten steeds met elkaar tot een standpuntbepaling komen en dat gaat goed", aldus Margreeth de Boer. "Omdat de leden al vele jaren met elkaar samenwerken, kent men elkaar en elkaars denken goed. Men verdoemt elkaars standpunten niet, maar luistert naar elkaar om openingen en oplossingen te vinden. Ik vind het een groot goed dat dit zo gebeurt. Iedereen zit op persoonlijke titel in de raad en niemand is verantwoording aan een achterban schuldig. Het enige dat telt, is het belang van de wadden als natuurgebied, maar ook als leefgebied van de bewoners."

Bestuurlijke drukte

Niet alleen de Raad voor de Wadden zet zich in voor dit unieke natuurgebied. Daarnaast is er nog een groot aantal organisaties die zich op een of andere manier om het gebied bekommeren, van de aloude Waddenvereniging uit het begin van de jaren zestig tot het Samenwerkingsverband Waddeneilanden uit het begin van de jaren tachtig en de Waddenacademie die vorig jaar werd opgericht. Margreeth de Boer: "Alles wat met de wadden heeft te maken, is tot het drie- of viervoudige bestuurlijk gedekt. Het openbaar bestuur bestaat uit vijf ministeries, drie provinciale besturen en achttien gemeenten. Daarnaast zijn er vele belangenorganisaties die zich intensief met het gebied bemoeien. Je kunt daar kritiek op hebben, maar het zijn allemaal heel gedreven mensen, die ervan overtuigd zijn dat we alert op het belang van de wadden moeten zijn. Niemand doet dat om een baantje te hebben. Wel maakt het ons werk soms heel ingewikkeld, omdat we allemaal net een andere positie hebben. Het is daardoor een bestuurlijke drukte. Eind jaren tachtig was ik als gedeputeerde in Noord-Holland lid van het Coördinatiecollege Waddengebied en toen al hadden we het erover dat het zo ingewikkeld was, doordat er te veel partijen bij betrokken waren. Als minister heb ik de Rijksuniversiteit Groningen eens de opdracht gegeven om te onderzoeken hoe een en ander kon worden versimpeld. Dat was aan het einde van mijn zittingsperiode en ik heb begrepen dat met dat advies niet veel is gedaan. Nu, vijftien jaar later, zijn er niet minder, maar zelfs meer instanties die zich voor de wadden inzetten. Ik vind dat wel jammer, want het is natuurlijk toch allemaal mankracht die efficiënter zou kunnen worden ingezet. De helft van het werk bestaat ook uit contact onderhouden met al die andere overheden, groeperingen en belangenorganisaties. We komen op basis van onze eigen deskundigheid tot meningsvorming, maar al die anderen heb je daar ook bij nodig."

Regionaal belangrijk

De Raad voor de Wadden heeft ook al eens zelf, samen met de Raad voor het openbaar bestuur, een advies over de bestuurlijke organisatie uitgebracht. In dit advies, 'Natuurlijk Gezag', werd voor een intensievere samenwerking gepleit in de vorm van een overkoepelend bestuurlijk orgaan voor het hele waddengebied. Het advies kreeg echter geen navolging. De Raad voor de Wadden deelt wat dat betreft met de andere adviesraden in de malaise dat uitgebrachte adviezen veelal voor kennisgeving worden aangenomen, weliswaar met veel interesse, maar zonder de intentie om het geadviseerde in praktijk te brengen. "Het is al mooi als onze rapporten serieus worden bestudeerd",  zegt Margreeth de Boer. "Wij hebben uiteindelijk niet de ultieme wijsheid in pacht, maar wij denken en onderzoeken vanuit een grote kennis van het gebied. Als ons advies dan door de overheden goed wordt doordacht, heeft het eigenlijk zijn werking al gehad." Zij is inmiddels als voorzitter van de Raad voor de Wadden bij de totstandkoming van diverse adviezen intensief betrokken geweest, over bijvoorbeeld het waddengebied als proeftuin voor biomassa, de besteding van gelden uit het Waddenfonds en over de toeristische en recreatieve bedrijvigheid in en rond de Waddenzee. Het laatste advies was door de Tweede Kamer gevraagd, "Het rapport is in de regio uitermate goed ontvangen en het is goed mogelijk dat als uitvloeisel ervan een intensieve discussie over de kansen en bedreigingen van het toerisme op gang wordt gebracht. Voor ons telt niet alleen wat de rijksoverheid of de Kamer met onze adviezen doet, maar ook wat de betekenis ervan voor de regio is. Ook dat maakt ons anders dan de andere adviesraden."

Werelderfgoed

In juni 2009 kreeg de Waddenzee een plek op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. Margreeth de Boer hoopt dat dit een stimulans zal zijn om nog eens goed over de bestuurlijke organisatie van het waddengebied na te denken. "Daar spelen naast natuurbehoud dan ook aspecten als visserij, zeevaart, recreatie en toerisme een rol in. Om al deze belangen goed te behartigen is een krachtig, meer integraal bestuur nodig. Ook de ontwikkeling van het kustgebied, met zijn vele historische monumenten, kerkjes en oude sluisjes, kan nu een impuls krijgen. UNESCO geeft geen geld - uiteindelijk moet dat van overheid en particuliere partijen komen, maar het tij zit momenteel natuurlijk niet mee. Ik ben benieuwd hoe dat de komende jaren zal gaan." Overigens staat alleen de Nederlands-Duitse Waddenzee op de Werelderfgoedlijst, doordat Denemarken niet aan het nominatieproces heeft deelgenomen. De verwachting is dat Denemarken op niet al te lange termijn zal volgen. De Boer: "De Werelderfgoedlijst geeft het gevoel dat we een kostbaar bezit hebben, dat we voor het nageslacht moeten bewaren. We zijn er trots op en moeten daar zorgvuldig mee omgaan. Je kunt ook weer van de lijst worden verwijderd en dat zou natuurlijk enorm gênant zijn. Dat kunnen we ons als Nederland niet permitteren."

Betwist gebied

Het waddengebied is uniek, maar ook bijzonder kwetsbaar. De dreiging komt uit de hoek van onder meer de gaswinning, de visserij, het toerisme, de scheepvaart en van industriële activiteiten. De Boer: "Met alle betrokken partijen hebben we intensief overleg en zijn vaak goede afspraken gemaakt. Denk bijvoorbeeld aan de gaswinning en de compensatie daarvoor." Wat de scheepvaart betreft, is in de Waddenzee al ingegrepen in de vorm van een vaargeul richting Hamburg, "maar dat is een gegeven, een 'fact of life' en dat moeten we accepteren", vindt Margreeth de Boer. "Bovendien hebben wij hetzelfde bij de Eems. In Papenburg is een grote scheepswerf gevestigd, Meyer, vanwaar schepen door het Eemskanaal naar open zee moeten kunnen varen. Een van de problemen waar we de komende jaren mee bezig zullen zijn, is de vraag wat er precies met de Eems aan de hand is. Hoe vervuild is de Eems? Waardoor komt dat? Wat betekent het voor de wadden? Wat kan er aan worden gedaan? Dat is een omvangrijk project. Een paar weken geleden heb ik er nog een rondvaart gemaakt en een van de mensen daar, een schipper, vertelde me dat de rivier dood is. Dat is natuurlijk heel ernstig. We hebben daar in de jaren zeventig veel over te doen gehad, maar tegenwoordig hoor je er maar weinig over. Laten we daarom eerst maar eens de feiten boven tafel krijgen. Het is een extra complex vraagstuk, doordat de grens tussen Nederland en Duitsland in dat gebied betwist is. Het is misschien wel de enige grens in Europa die niet vastligt. Nederland en Duitsland hebben wat dat betreft een 'agreement to disagree', maar het is een gevoelige materie. De Raad voor de Wadden kan niet zo maar een onderzoek laten uitvoeren in een gebied waarvan Duitsland vindt dat het Duits gebied is. Gelukkig zijn er in het waddengebied over de grens nauwe contacten met elkaar. De bestuurders kennen elkaar en dus loopt dat niet uit de hand. Daarom ook kunnen we zo'n probleem als met de Eems gezamenlijk aanpakken. En juist dan ook maakt de Raad voor de Wadden zich waar. Want als wij het niet doen, doet niemand het. Daarom mag de rijksoverheid blij zijn dat zo'n orgaan in het leven is geroepen en steeds overeind is gehouden."

Over anderhalf jaar zal een nieuwe raad worden geïnstalleerd, die waarschijnlijk kleiner zal zijn dan de huidige, en loopt ook de zittingsperiode van Margreeth de Boer ten einde. Ze kan zich goed voorstellen dat ze er nog een periode als voorzitter aan vastknoopt. "Ik zit niet aan die stoel gebakken, maar het is buitengewoon plezierig werk, met veel boeiende contacten, voor een raad die er echt toe doet!"

Dit is de twaalfde aflevering in een serie artikelen over adviesorganen. In de vorige afleveringen werd het profiel geschetst van de Adviesraad Internationale Vraagstukken, de Gezondheidsraad, de Raad voor Cultuur, de Raad voor het openbaar bestuur, de Raad voor de financiële verhoudingen, de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, de Onderwijsraad, de Raad voor het Landelijk Gebied, het Sociaal en Cultureel Planbureau, de Algemene Energieraad en de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling.

Verschenen in: ABP Wereld (2010)

Peter van Steen, tekstschrijver, info@petervansteen.nl