J.P. Hoekstra, directievoorzitter van Bovemij Verzekeringen (2008)

"Onderlingen zijn er niet voor zichzelf, maar voor de continuïteit van anderen!"

Drs. J.P. Hoekstra is voorzitter van de hoofddirectie van Bovemij en tevens bestuurslid van de FOV. Hans Hoekstra, Fries van geboorte, heeft het onderlinge gedachtegoed van huis uit meegekregen. Hij kan daar met veel passie over vertellen en stelt onomwonden vast, dat zijn jaren bij Bovemij zeer gelukkige jaren zijn geweest. We vroegen hem hoe het momenteel met deze onderlinge voor de mobiele wereld gaat.

"Het gaat uitstekend met Bovemij," zegt Hans Hoekstra. "En dat komt doordat in dit bedrijf niets gebeurt qua beleid, producten, marketing en overige activiteiten, zonder dat we dat goed met het hoofdbestuur van de BOVAG en met de besturen van de afdelingen hebben afgestemd. We stoppen daar veel tijd in. Het laat natuurlijk onverlet dat we als verzekeraar primair onze eigen verantwoordelijkheid hebben, maar alles wat we doen, wordt door de BOVAG gedragen. Daardoor zijn we een bloeiende onderneming. In 2007 hebben we een premie-inkomen van 200 miljoen euro gerealiseerd. Daarnaast is ook de rentabiliteit van de onderneming goed. De laatste jaren bedraagt die zo'n dertig procent netto over het eigen vermogen. En we streven naar een solvabiliteit die twee tot drie keer de vereiste solvabiliteit is. Daar voelen we ons prettig bij."

De leden serieus nemen

"Het is ook mijn stellige overtuiging," vervolgt Hoekstra, "dat een onderneming en zeker een verzekeraar als Bovemij, alleen maar succesvol kan zijn als zij een goede band met haar verzekeringnemers en verzekerden heeft. Onze leden, dat wil zeggen de leden van de BOVAG, nemen wij serieus, wij praten en overleggen met hen, want uiteindelijk zijn zij de baas. Een bijkomend voordeel van een goed contact met de achterban is, dat die achterban het risicobeheer draagt en invult, hetgeen tot aanvaardbare technische resultaten leidt. Bovemij heeft al sinds jaar en dag een 'combined ratio' van onder de honderd en dat kan alleen maar door de inzet en betrokkenheid van onze leden. De leden zijn heel actief in het risicobeheer en voelen zich verantwoordelijk voor het schaderesultaat. Op ons personeelsbestand van honderdnegentig fte's zijn twintig medewerkers actief bezig met schadelastbeheer, die samen met de leden en de BOVAG-organisatie preventieprogramma's opstellen en de resultaten daarvan ook aan hen terugkoppelen. Preventie is continu aan de orde. Dat is ook de kracht van onderlingen. Dankzij de directe band met de leden weten onderlingen het kunnen en kennen op het gebied van schadelastbeheersing te mobiliseren. Traditionele kapitalistische verzekeraars hebben die band niet. Voor hen zijn verzekerden en verzekeringnemers partijen, terwijl de BOVAG-leden en Bovemij één zijn. Dat heeft een enorme toegevoegde waarde. Het merendeel van de verzekeraars verdient geen geld aan bedrijvenverzekeringen, maar wij wel, terwijl we toch concurrerend zijn. En daar gaat het om bij onderlingen."

Rijnlandmodel

Het onderlinge gedachtegoed hoort tot de persoonlijke cultuur van de Fries Hans Hoekstra. Zijn vader was op het laatst van zijn loopbaan commercieel directeur van AGO, een van de voorgangers van AEGON, maar toen nog een onderlinge verzekeraar. Voor Hoekstra directievoorzitter van Bovemij werd, was hij bestuurder van het toenmalige UAP, waar hij verantwoordelijk voor levensverzekeringen en arbeidsongeschiktheidverzekeringen was. "Maar daarop terugkijkend, heb ik daar toch altijd wel die typisch onderlinge sfeer gemist," zo zegt hij. Toen hij in 1997 bij Bovemij kwam, was er nog een grote afstand tussen de vereniging BOVAG en de verzekeringsmaatschappij. Het premie-inkomen bedroeg destijds nauwelijks een vijfde van het huidige. "De Bovemij was redelijk passief," vertelt hij, "en stelde zich eigenlijk als iedere doorsneeverzekeraar op. Maar toen hebben we de switch gemaakt door onze achterban te omarmen en ook ons door de achterban te laten omarmen en dat is de reden geweest waarom het nu met Bovemij zo goed gaat. Ik ben een sterke aanhanger van het idee dat een ondernemer niet voor zichzelf ondernemer is, maar voor zijn klanten, zijn medewerkers, zijn omgeving en voor de maatschappij waarin hij verkeert. Het maatschappelijk verantwoord ondernemen is dan ook bij Bovemij geen commerciële 'gimmick', maar een attitude die we in het bedrijf hebben gebracht en altijd zullen blijven bewaken. Het zal duidelijk zijn dat ik me als ondernemer meer in het Rijnlandmodel thuis voel, met een bevredigend en zinvol leven voor zo veel mogelijk mensen, dan in het Angelsaksische model, waarin veel meer sprake is van individualisering, materialisme en onevenwichtige economische groei. En daarom ook zijn de tien jaar waarin ik dit bedrijf heb mogen leiden, hele gelukkige jaren geweest."

Europeanisering

De leden van de BOVAG en daarmee ook Bovemij staan in de komende decennia belangrijke ontwikkelingen te wachten. De automarkt is immers economisch gezien zo goed als volgroeid en zal dus hoofdzakelijk alleen nog een vervangingsmarkt zijn. Om klanten aan zich te binden, zullen de BOVAG-leden zich meer en meer als dienstverlener moeten opstellen. Daarnaast zullen zij zich steeds vaker realiseren dat "het Nederland van morgen het Friesland van vandaag is," zoals Hoekstra de Europeanisering kenschetst. Deze ontwikkeling zal meer grootschaligheid met zich meebrengen, zo voorziet hij, maar in die grootschaligheid zullen ook weer meer kansen voor kleinschalige ontwikkeling komen. Deze toekomstscenario's en de consequenties daarvan voor Bovemij zullen vooral de aandacht vragen van een nieuwe generatie bestuurders. Hans Hoekstra is immers vorige maand, met Kerstmis, vijfenzestig jaar geworden. Hij heeft weliswaar aangekondigd pas in de algemene vergadering in 2009, het jaar waarin hij zevenenzestig wordt, afscheid te zullen nemen, maar een en ander zal titulair in het najaar van 2008 zijn beslag krijgen. Aangezien de Hoekstra's over het algemeen oud worden - zijn vader is 94 en nog in goede gezondheid - zal hij zich op verzoek van de BOVAG goed voorbereiden op een actief leven na zijn pensionering. "Ik wil best voor de BOVAG en voor Bovemij blijven werken," zo zegt hij tot slot, "zo mogelijk in een internationale context. Geen enkele zusterorganisatie van de BOVAG in Europa heeft een verzekeringsmaatschappij als Bovemij en ze kijken daarom met veel belangstelling naar de Nederlandse BOVAG en haar prachtige verzekeringsdochter Bovemij. Onder meer de Duitse BOVAG heeft ons al gevraagd hen te willen helpen bij het opzetten van zo'n verzekeringsmaatschappij. Daarbij zal ik dan het gedachtegoed van de onderlingen zeker blijven uitdragen, want voor de verzekeringswereld is dat een groot gedachtegoed. Je bent er niet voor jezelf en niet voor de winst, maar je bent er voor de continuïteit van de ander. Dat is het gedachtegoed wat de onderlingen siert!"

Kadertekst: BOVAG

De BOVAG, opgericht in 1930 als Bond van Garagehouders, is een vereniging van ondernemers die zich allemaal met mobiliteit bezighouden. De vereniging kent elf afdelingen, voor personenautodealers, merkonafhankelijke autobedrijven, tweewielerbedrijven, tankstations, autowasbedrijven, rijscholen, autoverhuurbedrijven, truckdealers, mobiele recreatie, aanhangwagenbedrijven en motorenrevisiebedrijven. De BOVAG richtte in 1963 een verzekeringsmaatschappij op, Bovemij Verzekeringen. Aanvankelijk was deze maatschappij in Den Haag gevestigd, maar zij heeft nu haar kantoor in Nijmegen. Alle aandelen in Bovemij zijn in bezit van de BOVAG. Bovemij verzekert BOVAG-bedrijven, werknemers van BOVAG-bedrijven en klanten van BOVAG-bedrijven. Het gaat daarbij uitsluitend om schadeverzekeringen. Voor levensverzekeringen is Bovemij een combinatie aangegaan met Mn Services, de pensioenuitvoerder voor werknemers in de kleinmetaal. Het personeelsbestand van Bovemij omvat momenteel 190 fte's.

Verschenen in: 'de Onderlinge' (2008)

Peter van Steen, tekstschrijver, info@petervansteen.nl