|
||
|
D.G.J. Burger, directeur van Univé Het Zuiden (2006)
"Alles op zijn kop, alles op zijn plaats, rusten, oogsten en opnieuw veranderen"Gedeelde smart is halve smart - zo mag men de missie van de 'Wouwsche Onderlinge' wel noemen. En hoe meer zielen, hoe meer vreugd - zo kan men het resultaat ervan omschrijven. Van 56 leden ruim honderd jaar geleden naar circa 25.000 verzekerden nu, mag een prestatie worden genoemd. Dirk Burger, directeur van de onderlinge, licht de expansie toe. Dirk Burger kwam in 1989 in dienst van de O.B.M. Wouw, zoals de onderlinge in die jaren heette. Burger, geboren en getogen in Oudewater, werkte tot dan bij de NOVO. Hij werd door de voorzitter van de onderlinge benaderd met het verzoek Martien van den Keijbus als directeur op te volgen. Deze wisseling van de wacht vond in 1992 plaats. Nadat Van den Keijbus de onderlinge gedurende vijfendertig jaar al in beduidend sneller vaarwater had gebracht, kon Dirk Burger vervolgens het sein 'op volle kracht vooruit' geven. Was hij zelf het vierde personeelslid van O.B.M. Wouw, nu zijn er vijfendertig medewerkers in dienst van Univé Het Zuiden. Fusie met Fijnaart"Mijn voorganger had hier lokaal een heel stevig fundament gelegd," vertelt Dirk Burger, "waarna het bestuur mij vroeg om van hieruit wat meer te gaan regionaliseren. Het bestuur heeft mij daar altijd heel veel vrijheid van handelen bij gegeven en heeft zelf ook een open oog voor veranderingen in de maatschappij. Elke drie jaar schrijf ik een ondernemingsplan en in het eerste, voor 1989-1992, heb ik aangegeven dat we flink moesten groeien en moesten zorgen dat we body zouden krijgen, onder meer door fusies." De eerste mogelijkheid daartoe deed zich al snel voor. Begin jaren negentig werd O.B.M. Wouw gevraagd de administratie te gaan voeren van O.B.M. Fijnaart, in de noordwesthoek van Noord-Brabant, die haar samenwerking met de Rabobank wilde beëindigen. In 1997 leidde deze samenwerking tot een fusie, bij gelegenheid waarvan de naam van de onderlinge werd gewijzigd in O.V.M. West-Brabant. Ook in dat jaar werd ten behoeve van het langwerpige werkgebied van Fijnaart een bijkantoor in Etten-Leur geopend. "Dat groeide als kool," aldus Dirk Burger. "In 2000 hadden we al tien personeelsleden, acht in Wouw en twee in Etten-Leur. De zaken gingen steeds beter!" Schaalvergroting: HellevoetsluisRond 2000 kwam binnen Univé de schaalvergroting op gang die zo'n honderd onderlingen deed opgaan in, tot nu toe, iets meer dan dertig onderlingen. Dirk Burger: "In dat kader zijn wij destijds met de onderlingen in Middelburg, Terneuzen, Groede en Hellevoetsluis rond de tafel gaan zitten. Middelburg haakte af, Terneuzen en Groede gingen op in O.B.M. Zeeuwsvlaanderen en op onze beurt hadden wij hele goede contacten met Hellevoetsluis. Op directieniveau waren wij, als twee directeuren, daar heel snel uit en hoewel de besturen er wat meer tijd voor nodig hadden, konden we toch in januari 2001 met Hellevoetsluis fuseren. Toen hebben we de naam in Univé Het Zuiden veranderd en hadden we dus drie kantoren." In de loop van dat jaar werd echter al duidelijk, dat het daarbij niet zou blijven. Vanuit Univé werd immers een beroep op de onderlinge in Wouw gedaan, om het gat op te vullen dat door het uittreden van OVM Zeeland zou gaan ontstaan. Het bestuur van de onderlinge voelde daar wel wat voor, maar stelde er de voorwaarde bij dat de onderlinge dan ook het tot dan centraal aangestuurde kantoor in Breda zou mogen overnemen. Eind oktober 2001 werd daar vanuit Univé het groene licht voor gegeven. Van Middelburg tot Zeeland"In 2002 wist ik soms van voren niet dat ik van achteren nog leefde," zegt Dirk Burger. "Begin januari openden we met kunst en vliegwerk het kantoor in Middelburg. We hadden daar helemaal geen portefeuille, maar we hebben er twee mensen kunnen aannemen die er heel enthousiast tegenaan zijn gegaan. In een businessplan had ik aangegeven dat het kantoor naar verwachting in negen jaar kostendekkend zou draaien, maar dat is nu al het geval! In april namen we vervolgens het kantoor in Breda over. Ook daar hebben we een aantal nieuwe mensen moeten aannemen, want de personeelsleden die er zaten, gingen op één na allemaal naar het nieuwe kantoor van Univé in Tilburg. En passant had in het begin van dat jaar het bestuur van de onderlinge in Zeeland, bij Uden, ons gevraagd of zij ook met ons konden meedoen. Wij vonden dat aanvankelijk wat ver weg, maar na wat gesprekken hebben we elkaar toch weten te vinden. Zij zitten in Oost-Brabant, wij in West-Brabant, maar we zijn toch Brabanders onder elkaar en die kunnen heel goed zaken met elkaar doen! Begin dat jaar hadden we dus drie kantoren met dertien mensen en aan het eind van het jaar hadden we zes kantoren met zevenentwintig mensen." Verliesjaar"Wel hebben we dat jaar een verliesjaar gehad," moet Burger eraan toevoegen. "En hoe kwam dat? We hadden niet alleen met een sterke stijging van de personeelskosten te maken, maar ook met erg veel diepte-investeringen ineens. We gingen om te beginnen hier in Wouw het telefoonteam centraliseren en moesten daarvoor een nieuwe telefooncentrale aanschaffen. Kosten: veertigduizend euro. We hebben daarnaast ons hele archief gedigitaliseerd, eerst vanaf 2002, maar inmiddels zit bijna alles erin. Kosten: vijfenveertigduizend euro. Maar nu kan iedereen binnen onze onderlinge, op elk bijkantoor, op zijn computer het archief van de klant raadplegen. Trappen op en af om een dossier uit het archief te gaan halen, is er niet meer bij! Ondanks al deze kosten leken we nog quitte te gaan draaien, maar toen kregen we een hoosbui in augustus en een storm in oktober en dan gaat het natuurlijk heel hard. We leden daardoor in 2002 een nettoverlies van negentigduizend euro, maar in 2003 hadden we weer een winst van ruim honderdtachtigduizend euro, in 2004 bijna driehonderddertigduizend euro en vorig jaar zaten we op bijna een miljoen euro winst! We hebben dus weer de mogelijkheid om te veel ontvangen premie aan de leden te restitueren." Opnieuw reorganiserenSamenvattend, zo stelt Dirk Burger, ging in 2002 alles op zijn kop, vond in 2003 alles weer zijn plek, kon in 2004 even rust worden genomen en werd in 2005 flink geoogst. Hij zegt: "Nu, in 2006, moeten we weer gaan kijken of de organisatie die we destijds hebben opgezet, nog wel voldoet aan de huidige eisen. Een organisatiestructuur van tien jaar geleden kan nu best wel eens remmend werken. Misschien moeten we hier en daar opnieuw gaan reorganiseren. We blijven met andere woorden constant met dit bedrijf bezig." Vanzelfsprekend geldt dit laatste ook voor de huisvesting van de onderlinge. Het huidige pand is het derde aan de Markt in Wouw dat door de onderlinge wordt gebruikt. Dit pand is inmiddels door het erbij betrekken van de bovenverdiepingen van belendende panden, behoorlijk uitgebreid. Dit heeft onder meer tot gevolg gehad dat de vroegere keuken van zijn eigen woonhuis nu de werkkamer van Dirk Burger is. "Als ik zie wat we met z'n allen voor elkaar hebben gekregen," zo zegt hij tot slot, "dan denk ik wel eens: het is echt míjn onderlinge! Maar natuurlijk is het niet de directeur die het doet. En het is ook niet het bestuur dat het doet. Uiteindelijk zijn het de medewerkers die het doen. Ook bij ons!" Kadertekst: Van 56 naar 25.000Zesenvijftig agrariërs tussen Bergen op Zoom en Roosendaal richtten in 1898 de Wouwsche Onderlinge Brandverzekering-Maatschappij op. De lijst met hun namen is bewaard gebleven. Wel zijn alle namen doorgehaald, want wie overleed, werd letterlijk als lid geschrapt. Tot eind jaren vijftig was de onderlinge niet herverzekerd. Pas nadat in 1957 de eerste administrateur in dienst was genomen, Martien van den Keijbus, en er dus van personeelskosten sprake was, werd herverzekering nuttig geacht. De onderlinge sloot zich daartoe bij de NOBH aan, een rechtsvoorganger van het huidige Univé. In oorsprong was de onderlinge uitsluitend op agrariërs in Wouw en aanliggende gemeenten gericht, maar nu worden vanuit Wouw tevens verkoopkantoren aangestuurd in Etten-Leur, Hellevoetsluis, Middelburg, Breda en Zeeland (N.Br.). Gezamenlijk vormen zij Univé Het Zuiden, een onderlinge met circa 25.000 verzekerden. Verschenen in: 'de Onderlinge' (2006) Peter van Steen, tekstschrijver, info@petervansteen.nl |