|
||
|
Th.J.M. Roos, divisiedirecteur Toezicht Verzekeraars DNB (2006)
"Zie de kosten als een premie voor herstel van stabiliteit"Kort geleden werd besloten dat de vestiging van De Nederlandsche Bank (DNB) in Apeldoorn, dat wil zeggen de voormalige Pensioen- & Verzekeringskamer aan de John F. Kennedylaan, in 2010 haar deuren zal sluiten. Alle functies zullen dan naar Amsterdam worden overgeplaatst. Tom Roos, de nieuwe divisiedirecteur Toezicht Verzekeraars bij DNB, zal een belangrijke hand in dit proces hebben. Ondertussen gaat het toezicht natuurlijk door - waarover een gesprek met hem. Tom Roos is sinds 1 januari 2006 divisiedirecteur TV bij DNB. Hij is goed bekend met de onderlinge verzekeringswereld. Begin jaren tachtig werkte hij als IT-manager bij Centraal Beheer in Apeldoorn en nadien bij de, van oorsprong, onderlinge voor hogere rijksambtenaren OHRA in Arnhem. OHRA was destijds lid van de Federatie van Onderlinge Zorgverzekeraars, die later samen met andere koepels in Zorgverzekeraars Nederland is opgegaan. Bij OHRA begon Tom Roos als coördinator administratieve organisatie, waarna hij via benoemingen tot adjunct-directeur en directeur voorzitter van de Raad van Bestuur werd. Bij de fusie van OHRA en Delta Lloyd in 2000 nam Roos afscheid van het bedrijf en werd hij adviseur bij KPMG Consulting, het latere ATOS Consulting. "Als consultant sta je toch een beetje langs de lijn te coachen," aldus Tom Roos, "en daarom kreeg ik na vijf jaar behoefte om weer mee te spelen. Toen ik naging welke mogelijkheden er waren, hadden DNB en ik elkaar snel gevonden." WerkwijzeDNB kent op dit moment vier toezichtdivisies die zich op de uitvoering van prudentieel toezicht richten (op banken, verzekeraars, pensioenfondsen en andere) en één divisie voor beleidsontwikkeling. De divisie TV waarvan Tom Roos divisiedirecteur is bestaat uit vier toezichtafdelingen en twee expertisecentra. De afdeling Verzekeringen 1 houdt toezicht op de financiële conglomeraten (grote verzekeraars met een kleine bank), Verzekeringen 2 houdt met name toezicht op de zorgverzekeraars en de afdelingen Verzekeringen 3 en 4 houden toezicht op kleine en middelgrote verzekeraars, waaronder veel FOV-leden. De expertisecentra richten zich op markttoetreding (vergunningen) en op register en toetsing (van bijvoorbeeld bestuurders). Deze expertisecentra hebben ook taken voor andere toezichtdivisies van DNB, terwijl de expertisecentra van andere divisies ook voor de divisie TV werken. De toezichthoudende medewerkers van de divisie zijn verantwoordelijk voor het toezicht op de individuele instellingen. Sommige medewerkers houden toezicht op een groot aantal, soms wel dertig kleinere maatschappijen, terwijl voor de grote maatschappijen multidisciplinaire teams van medewerkers zijn samengesteld. De toezichthoudende medewerkers beoordelen primair het risicoprofiel van maatschappijen. Zij kijken met andere woorden naar de risico's die aan de bedrijfsactiviteiten zijn verbonden en naar de wijze waarop die risico's worden beheerst. DNB heeft hiervoor een risicoanalysemodel ontwikkeld, waarmee alle toezichtmedewerkers inmiddels werken. De maatschappijen worden gevolgd door middel van beoordeling van de jaarlijkse verslagstaten, toezichtgesprekken en onderzoek bij de maatschappijen. Dit laatste gebeurt roulerend en steekproefsgewijs. Tom Roos: "Op basis daarvan gaan we soms echt de diepte in en dan komen we ook probleemgevallen tegen. Gelukkig zijn we er tot nu toe bijtijds bij geweest. Ik denk dat het voor iedereen goed is als problemen snel worden gedetecteerd en opgelost. Omdat het zo veel maatschappijen betreft, wij een beperkte capaciteit hebben en omdat we risicogericht werken, zullen we niet elke maatschappij uitvoerig onderzoeken, zeker niet als uit de staten blijkt dat het allemaal goed gaat. Toch kunnen we daar niet altijd op vertrouwen. Het is daarom aan ons om degenen die wat meer aandacht behoeven, beter te leren kennen dan degenen die goed draaien." Deskundigheid en integriteit"Het toezicht is natuurlijk in de afgelopen jaren complexer geworden," zegt Tom Roos, "onder meer door de deconfitures en schandalen die er zijn geweest. Nieuwe regelgeving stelt daarom ook hogere eisen aan de onderlingen. Deze hebben met name te maken met integriteit, niet alleen van de bestuurders maar ook van de AO/IC in de organisatie, en met deskundigheid. Dat zijn op het ogenblik belangrijke onderwerpen waarop wij ons in de praktijk richten. Belangrijk in dit verband is het voorschrift in de Wtv dat elke vergunninghoudende verzekeraar twee dagelijkse beleidsbepalers moet hebben. Dat heeft met continuïteit en zorgvuldigheid in de besluitvorming te maken, want twee weten meer dan één en kunnen elkaar aanvullen. Ook bij kleine onderlingen, die vaak geen fulltime bestuur kennen, vergt dit de nodige aandacht. Natuurlijk kijken wij naar de organisatie en naar wat er aan de hand is. Wij vragen van een kleine vrijgestelde onderlinge waarborgmaatschappij, bijvoorbeeld een paardenverzekeraar, niet dezelfde deskundigheid als van bijvoorbeeld een grote arbeidsongeschiktheidsverzekeraar. Ons primaire doel is echter dat er geen ongelukken gebeuren en in die zin is ons toezicht wat scherper geworden in vergelijking met het verleden." De problemen die op dit gebied worden geconstateerd, zijn volgens Tom Roos casuïstisch van aard. Hij zegt: "Met het overgrote deel is niets aan de hand, maar we komen soms rare dingen tegen. Die kunnen allerlei oorzaken hebben: onevenwichtigheid in het bestuur, een onverwachte grote claim, ziekte van een medewerker, onachtzaamheid in de uitvoering, een gebrekkige interne organisatie, onjuiste herverzekering enzovoort. We komen wat dat betreft een hele schakering van situaties tegen." Daar waar tekortkomingen worden geconstateerd, hebben maatschappijen volgens Roos doorgaans een positieve grondhouding om aan verbeteringen te werken, waarbij zij overigens wel eens kanttekeningen plaatsen bij de soms hoge kosten die daarmee gepaard gaan. Tom Roos zegt: "Niemand zit op maatregelen te wachten die geld kosten, maar van de andere kant zijn die kosten een soort verzekeringspremie die verzekeraars voor herstel van stabiliteit en continuïteit moeten betalen." OntwikkelingenMet de inwerkingtreding van de Wet op het financieel toezicht, waarschijnlijk per 1 januari 2007, zal een nieuwe stap op het gebied van (cross-sectorale) toezichthouding worden gezet. De Wft zal de specifieke toezichtwetten voor de banken en de verzekeraars vervangen. "Het toezicht zal nog een bepaalde ontwikkeling doormaken," aldus Tom Roos. "We zitten nu in een tijd waarin nieuwe inzichten ontstaan, waaruit ook weer nieuwe regels volgen. Het tweehoofdig bestuur dat ik al noemde, is daar een voorbeeld van. Die toetsing is meer algemeen en vooraf, maar ik verwacht niet dat deze trend zal doorgaan. Eerder maken we nu een stap - en ik vind dat een belangrijke stap - van regelgeoriënteerd naar risicogebaseerd toezicht. Bij dat risicogebaseerd toezicht is de intensiteit van het toezicht afhankelijk van de risico's, dus als die klein zijn, hoeft het toezicht niet zwaar te zijn. Juist ook omdat wij een beperkte capaciteit hebben, zullen we ons op die punten gaan richten waar voor de samenleving en de consumenten de grootste risico's liggen. Ik verwacht dus wel een verandering van het toezicht, maar niet per definitie een verzwaring ten opzichte van het nu bijna afgeronde proces waarin gewoon meer regels zijn gesteld." Parallelle doelstelling: gezonde maatschappijenIn het geheel van het toezicht op de onderlingen dicht Tom Roos de FOV een belangrijke rol toe. DNB kan immers via de FOV de onderlingen bereiken en eveneens via de FOV signalen vanuit de onderlingen teruggekoppeld krijgen. Daarom ook heeft DNB al verschillende keren acte de présence op bijeenkomsten van de FOV gegeven, met name directielid Flip Klopper op de Algemene Ledenvergadering in 2005 en de afdelingshoofden en toezichthouders van TV tijdens de Najaarsbijeenkomsten Brand-Regionaal. Tom Roos zegt: "De gemiddelde onderlinge heeft natuurlijk niet dagelijks met DNB en met toezicht te maken, maar is gewoon bezig met het eigen bedrijf. Onbekend maakt echter onbemind en daarom willen wij dat veranderen. Wij proberen via de FOV duidelijk te maken wat onderlinge verzekeraars van ons kunnen verwachten, hoe onze opvattingen zijn en wat onze verantwoordelijkheden zijn. Daarnaast stellen we prijs op feedback over ons optreden. Wij hebben ervaren dat de FOV, natuurlijk met respect voor de eigen verantwoordelijkheden, daar een geweldig goede rol in kan vervullen. Daarnaast kunnen wij via de FOV luisteren naar wat er in de markt leeft en hoeven we daarvoor bij wijze van spreken niet alle onderlingen afzonderlijk af. We zijn daarom blij met de goede werkrelatie met de FOV, zeker ook omdat de doelstelling van de FOV deels parallel aan die van ons loopt, namelijk een bedrijfstak met gezonde onderlinge verzekeraars, die weten waarover ze praten." Verschenen in: de Onderlinge (2006) Peter van Steen, tekstschrijver, info@petervansteen.nl |