|
||
|
J.W.M. Stappers, algemeen directeur van MediRisk (2009)
Preventie door te leren van foutenMediRisk, opgericht op 26 augustus 1992, verzekert de aansprakelijkheidsrisico's van circa zeventig van de nagenoeg honderd algemene ziekenhuizen in Nederland. De directie van MediRisk wordt gevoerd door John Stappers, algemeen directeur, en Harry Henschen, directeur schadebehandeling van zowel MediRisk als VvAA. Een gesprek met beiden over een aantal actuele en toekomstige ontwikkelingen op het gebied van medische aansprakelijkheid. Ten aanzien van het medische aansprakelijkheidsrisico is op zich in de afgelopen decennia niet veel veranderd. De norm was en is nog steeds dat een medicus als een redelijk bekwaam en een redelijk handelend arts te werk moet gaan. In de afhandeling van claims hebben zich echter wel ontwikkelingen voorgedaan. Harry Henschen: "De patiënt is veel mondiger en we hebben te maken met vaak zeer professionele belangenbehartigers van patiënten, waardoor de gesprekken en onderhandelingen veel intensiever zijn geworden. Het percentage afwijzigingen is niet zozeer veranderd - van de drie claims worden er in grote lijnen twee afgewezen en één gehonoreerd - maar patiënten nemen minder snel genoegen met een afwijzing dan vroeger. We moeten daarom vaker gezamenlijk een deskundige benoemen om een oordeel te krijgen dat door beide partijen wordt geaccepteerd. Een ontwikkeling is ook dat we weliswaar niet wezenlijk méér claims, maar wel hógere claims krijgen. Niet alleen moet het honorarium van die deskundige worden vergoed, maar ook de hogere schade doordat de uitkeringen door de sociale verzekeraar lager zijn. In het algemeen zien we daardoor een opwaartse druk op de schade-uitkeringen. Daarnaast zien we dat door de toegenomen complexiteit van medische ingrepen de aansprakelijkheid lastiger te beoordelen is. Tegenwoordig wordt de patiënt omringd door vele zorgverleners en hoogtechnische medische apparatuur. Dat maakt het ingewikkelder om te beoordelen of alles volgens de regels der kunst is gedaan of niet." Preventie verplichtCentrale pijler onder het onderlingeconcept van MediRisk is het preventieprogramma. In de afgelopen zeventien jaar is veel werk gemaakt van het verzamelen, categoriseren en analyseren van informatie over zaken die in een medisch traject zijn misgegaan. Op grond daarvan zijn risicofactoren in kaart gebracht en aanbevelingen aan de aangesloten ziekenhuizen gedaan. MediRisk eist van de ziekenhuizen dat die aanbevelingen consequent worden nageleefd. John Stappers: "Wij mogen van de leden verwachten, en de leden mogen van elkaar verwachten, dat als zij eenmaal weten waar het fout kan gaan, zij daar dan ook naar handelen. Er is wat dat betreft allang geen sprake meer van vrijblijvendheid. Mocht een ziekenhuis achterblijven bij de noodzakelijke implementatie van verbetermaatregelen, dan wordt het daarop aangesproken. Formeel bezien hebben we de mogelijkheid om daarop sancties te stellen, maar tot op heden is dat niet nodig geweest. Een logische vervolgvraag is dan natuurlijk of we de investeringen in de genomen maatregelen in een verbeterd schadebeeld terugzien. En ja, dat is inderdaad het geval. We hebben bijvoorbeeld een project gehad op de afdelingen spoedeisende hulp. We zagen dat arts-assistenten nogal eens problemen hadden met het stellen van de juiste diagnose op het gebied van handletsels. Op initiatief van een eerstehulparts is toen een handletselkaart ontwikkeld en verspreid, waarop alle onderzoeken staan die een arts-assistent zou moeten verrichten om een zenuw- of peesletsel te kunnen diagnosticeren. Het aantal gemiste diagnoses bij handletsels is vervolgens met meer dan veertig procent teruggelopen. Dat is natuurlijk een heel bemoedigend resultaat en een stimulans om op die manier ook met andere zaken aan de gang te gaan. Voor de spoedeisende hulp hebben wij zogenoemde vangnetten geformuleerd, die bij implementatie de kans op het ontstaan van schade aanzienlijk moeten reduceren. De ziekenhuizen hebben hiermee een enorme kwaliteitsslag weten te maken. Vervolgens zijn ook voor de OK criteria ontwikkeld, die we per 1 januari 2008 verplicht hebben gesteld. We moeten voorzichtig zijn bij het weergeven van effecten, maar de eerste tekenen zijn dat ook het aantal claims op OK-gebied daalt. Binnenkort gaan we op de verpleegafdelingen aan de gang, overigens ook weer in overleg met de desbetreffende beroepsgroepen, zodat de maatregelen die we voorstellen breed gedragen worden. Ook daar verwachten we weer positieve effecten." Solvency IIMediRisk verzekert alle aansprakelijkheidrisico's die met activiteiten van de zorginstelling hebben te maken. Ook schade die bijvoorbeeld uit de exploitatie van gebouwen en terreinen voortvloeit en waarvoor het ziekenhuis aansprakelijk is en ook werkgeversaansprakelijkheid ten opzichte van het eigen personeel vallen onder de dekking. Behoudens een klein eigen risico bij zaakschaden is elke schade 'vanaf de bodem' gedekt. De ziekenhuizen betalen een premie die op grond van twee parameters is berekend, te weten de samenstelling van de medische staf als indicatie voor het functiepakket en een percentage over de exploitatiekosten. Er geldt een basistarief dat voor alle ziekenhuizen in principe gelijk is. Een eventueel overschot aan het einde van het boekjaar wordt op een ledenrekening gestort. Het saldo op deze ledenrekening telt mee bij de vaststelling van de solvabiliteit van MediRisk. John Stappers: "Solvency II zal overigens onherroepelijk in 2012 tot zwaardere solvabiliteitseisen voor onze onderlinge leiden, hetgeen extra premiedruk voor de instellingen geeft. We hebben wat dat betreft nog wel een slag te maken." Harry Henschen: "MediRisk is een 'single line' verzekeraar. We kunnen niet zoals andere grote verzekeraars het risico van medische aansprakelijkheid compenseren met minder risicovolle onderdelen zoals bijvoorbeeld een reisproduct. Ook dat maakt dat de vereiste solvabiliteit voor ons fors zal zijn." Van elkaar lerenMediRisk is sinds kort lid van de FOV en volgens John Stappers is dat een goede beslissing geweest: "Gezien het specifieke karakter van onderlingen is het heel nuttig om met collega's ervaringen uit te wisselen. We hebben al gezien dat het een heel gespreide mix van maatschappijen betreft, van klein naar groot, met heel verschillende activiteiten en verschillende bestuurlijke structuren. Het is uiterst boeiend om daarin rond te kijken en contacten op te doen. MediRisk heeft het leren van eigen en andermans ervaringen centraal staan en ook binnen de FOV hebben we die mogelijkheid. Daar voelen we ons thuis bij." [Kadertekst] Binnen VvAAToen paard en wagen in de eerste decennia van de twintigste eeuw door auto's werden vervangen, bevonden zich onder de eerste chauffeurs veel artsen. De auto stelde hen immers in staat snel bij een spoedgeval te zijn. Een aantal artsen richtte in 1924 de Onderlinge Verzekering van Artsen Automobilisten op: in die tijd de eerste en enige onderlinge voor het afsluiten van autoverzekeringen. De vereniging was een groot succes: ruim dertig jaar later waren er al meer dan tienduizend artsen en overige werkenden in de gezondheidszorg lid van. Hoewel de vereniging ook tal van andere verzekeringen en financiële en juridische diensten ging aanbieden, bleef de kern van de naam, enigszins gewijzigd, altijd bestaan: Vereniging van Artsen Automobilisten ofwel VvAA. Toen het in de jaren negentig voor ziekenhuizen steeds moeilijker werd om aansprakelijkheidsrisico's te verzekeren - een aantal verzekeraars had zich al uit de markt teruggetrokken en andere maatschappijen moesten hogere premies gaan berekenen - besloten veertien ziekenhuizen de handen ineen te slaan en de Onderlinge Waarborgmaatschappij voor Instellingen in de Gezondheidszorg MediRisk B.A. op te richten. VvAA treedt namens MediRisk op als uitvoerende organisatie en herverzekeraar. Verschenen in: 'de Onderlinge' (2009) Peter van Steen, tekstschrijver, info@petervansteen.nl
|