|
||
|
G. Outters, directeur van A.I.S.A.M. (1998)
"Meer kansen dan bedreigingen"Begin juni vergaderde het bestuur van de internationale vereniging van onderlinge verzekeringsmaatschappijen A.I.S.A.M. (Association International des Sociétés d'Assurance Mutuelle) in Maastricht. Aan de vooravond ervan konden we een vraaggesprek arrangeren met Gérard Outters, délégué général van de A.I.S.A.M. "In Nederland voelen we ons terug bij de bron," zegt Outters, refererend aan de oprichting van de A.I.S.A.M. op Nederlands initiatief in 1963 in Amsterdam. "Terug in Nederland dus," aldus Outters, "en daarnaast is het symbolisch dat we in Maastricht vergaderen. Want na het Verdrag van Maastricht hebben we nu ook de Vergadering van Maastricht van de A.I.S.A.M. We willen hier nogal wat zaken veranderen, in onze structuur, onze statuten en onze oriëntatie." Gérard Outters voert twee belangrijke redenen aan voor een pro-actievere opstelling van de A.I.S.A.M. in de onderlinge wereld: de mondialisering van de economie en de demutualisering van onderlinge maatschappijen. Over de mondialisering zegt hij: "Steeds meer maatschappijen gaan buiten de landsgrenzen werken. Maatschappijen organiseren zich om een positie wereldwijd in te kunnen nemen. Onderlinge maatschappijen zijn echter veelal gebonden aan een regio of zijn landelijk begrensd. Voor deze maatschappijen is het veel moeilijker om zich zodanig te ontwikkelen dat zij ook aan de mondialisering van de economie mee kunnen doen." Voor Outters is het buiten kijf dat elke onderlinge in enigerlei vorm met internationalisering te maken zal krijgen. "Zij zullen in hun eigen gebied door de internationale ondernemingen worden aangevallen. In hun eigen land, in hun eigen regio. Om daar een antwoord op te hebben, zullen zij zich ook moeten organiseren, commercieel, technisch en ook wat informatie betreft. We kunnen wat dat betreft voortbouwen op het onderlinge basisprincipe, de soldariteit." DemutualiseringHet onderwerp demutualisering staat al lange tijd op de agenda van de A.I.S.A.M. Het gaat hierbij om onderlingen die een externe kapitaalbehoefte hebben, bijvoorbeeld voor internationalisering, maar afhankelijk zijn van interne financiering omdat ze geen toegang tot de kapitaalmarkt hebben. Deze situatie leidt nogal eens tot de omzetting van een onderlinge in een naamloze vennootschap. Vanuit Nederland is een aantal jaren geleden hiervoor de onderlinge op aandelen als oplossing aangereikt. Andere mogelijkheden liggen in een coöperatief statuut of een onderlinge holding van beursgenoteerde maatschappijen. Gérard Outters: "Veel onderlinge maatschappijen bevinden zich in een fase van onderzoek en herbezinning op hun eigen identiteit. Ze moeten immers met andere maatschappijen kunnen samengaan willen ze het internationale spel mee kunnen spelen. De A.I.S.A.M. heeft daarbij een rol te spelen en moet het fundamenteel onderzoek naar nieuwe juridische structuren initiëren en begeleiden. We zullen een nieuwe identiteit voor onze maatschappijen moeten vinden, willen ze op den duur kunnen overleven. Nu is nog ieder voor zich met dit probleem bezig, zonder te proberen gezamenlijk oplossingen te vinden en zonder zich af te vragen of er helemaal fundamenteel onderzoek wordt gedaan. Die beweging moet de A.I.S.A.M. daarom begeleiden." HulpnetwerkTijdens de bestuursvergadering in Maastricht is uitgebreid aan de orde geweest welke activiteiten de A.I.S.A.M. in de komende jaren zou kunnen ondernemen. Een versterking van de A.I.S.A.M. en de aangesloten maatschappijen zou bijvoorbeeld kunnen worden bewerkstelligd door een verbetering van het imago van de onderlingen, de invoering van een A.I.S.A.M.-keurmerk voor onderlingen evenals door het opzetten van een internationaal hulpnetwerk. In zo'n netwerk zouden onderlinge maatschappijen kunnen samenwerken op bijvoorbeeld fiscaal-juridisch gebied of op het terrein van hulpverlening en schaderegeling ten behoeve van verzekerden. Gérard Outters: "Ook zo'n netwerk kan weer op het onderlinge idee van solidariteit worden gebaseerd. Voor kleinere onderlingen zal het natuurlijk moeilijk zijn om specialisten op internationaal gebied in huis te hebben. Het is daarom aan ons om een samenwerkingsverband te vormen voor de bestudering van de internationale problemen van onderlingen en voor het gezamenlijk aanpakken van de oplossingen." Ook federaties lidVoor meer pro-activiteit vanuit de A.I.S.A.M. is een krachtige en grote vereniging nodig. Nu al zijn ruim tweehonderd onderlinge maatschappijen in zevenentwintig landen lid van de A.I.S.A.M., maar daarvan is slechts 23% buiten Europa gevestigd. Om de vereniging te kunnen versterken zal het bestuur van de A.I.S.A.M. tijdens de eerstvolgende ledenvergadering een statutenwijziging aan de leden voorstellen betreffende het lidmaatschap. Voorgesteld zal worden om het lidmaatschap ook voor federaties van onderlinge maatschappijen open te stellen. Om te beginnen zal het daardoor voor met name Afrikaanse maatschappijen gemakkelijker worden om zich bij de A.I.S.A.M. aan te sluiten. Daarnaast kunnen federaties, gemakkelijker dan individuele maatschappijen, menskracht leveren voor de activiteiten van de A.I.S.A.M. Niet in de laatste plaats kan volgens Gérard Outters van federaties een hogere contributie worden verlangd. "Wij hebben een groter budget nodig," benadrukt hij, "misschien wel het dubbele van ons huidige budget. We willen daarom de federaties vragen om ons te steunen en om met ons mee te doen aan het promoten en verdedigen van de onderlinge vorm van verzekeren." Outters voorziet een A.I.S.A.M. waarvan de helft van de leden direct lid is en de andere helft via nationale federaties. "Wel zal het bestuur in meerderheid uit directe leden blijven bestaan," zo voegt hij eraan toe. "De federaties zijn immers veel machtiger en wij willen wat dat betreft een zeker evenwicht bewaren." Twee dossiers belangrijkGérard Outters steekt niet onder stoelen of banken dat veel onderlingen in de komende jaren nog in zwaar weer terecht kunnen komen. Over eventuele solvabiliteitsproblemen in de branche zegt hij: "Om te beginnen zijn er meer niet-onderlingen die failliet gaan dan onderlingen," zo stelt hij voorop. "En als er eens een maatschappij failliet gaat, dan heeft dat meestal een aanwijsbare reden, een crisis in het onroerend goed bijvoorbeeld of een beurskrach. Natuurlijk is men na elk faillissement weer bang dat het zich zal herhalen en daarom komt er ook nu weer een nieuwe regeling ten aanzien van vereiste solvabiliteitsmarges. Men zegt daarvan dat de voorgestelde remedie absoluut niet correspondeert met het kwaad. De A.I.S.A.M. is daarom met de Europese autoriteiten in overleg over zo'n regeling." Liever dan naar de bedreigingen kijkt Gérard Outters naar de kansen voor de onderlingen. Hij zegt tot slot: "In de komende jaren zijn voor ons twee dossiers heel belangrijk: dat van de gezondheidszorg en de pensionering. De overheid is niet meer in staat om aan de behoeften op deze gebieden te voldoen en dus is daar een belangrijke rol voor verzekeringsmaatschappijen weggelegd. De mensen zullen echter niet accepteren dat de N.V.'s gaan verdienen op hun gezondheidsproblemen en op hun pensioenvoorziening. Daarom zullen ze zich daar in onderlinge vorm voor gaan verzekeren. Daar liggen hele grote mogelijkheden voor ons!" De eerstvolgende algemene ledenvergadering van de A.I.S.A.M. is in september in Chicago. Om ook in de Verenigde Staten een sterkere positie in te kunnen nemen, wordt daar voor het eerst in de geschiedenis van de A.I.S.A.M. vergaderd. Tijdens deze algemene ledenvergadering zullen de bestuursvoorstellen van de Vergadering van Maastricht aan de leden worden voorgelegd. Verschenen in: de Onderlinge, 1998 Peter van Steen, tekstschrijver, info@petervansteen.nl |