|
||
|
T. Meinders, algemeen directeur van Univé Verzekeringen (1998)
"Voor de Univé-onderlingen telt alleen de menselijke maat"Regelmatig wordt op deze plaats het wel en wee beschreven van een lokale Univé-onderlinge. Doorgaans leidt dat tot een enthousiast verhaal over explosief stijgende premie-inkomens, groeiende aantallen medewerkers en nieuwe of uitgebreide kantoorpanden. Mag deze gunstige ontwikkeling van de aparte delen als representatief voor de som ervan worden beschouwd? Een vraag voor drs. ing. T. Meinders, sinds 1 januari 1998 algemeen directeur van Univé Verzekeringen. Meinders relateert de ontwikkeling van Univé allereerst aan de landelijke en zelfs internationale gang van zaken op de markt van de financiële dienstverlening. Kernthema in dat kader is schaalgrootte. Is Univé groot genoeg om antwoord te kunnen geven op de vragen die in de nabije toekomst aan de maatschappij zullen worden gesteld? Of zijn er al contacten met andere, vergelijkbare 'moeders van onderlingen' in Europa? "Voor ons is er geen aanleiding om daarnaar op zoek te gaan zonder dat wij gemerkt hebben dat het buitenland op zoek is naar ons," aldus Meinders. "Gezien het concept van Univé vinden wij Nederland nog groot genoeg om hier onze ambitie kwijt te kunnen. Het mag dan voor een aantal partijen belangrijk zijn om zich op de euromarkt te manifesteren, en Nederland mag dan een regio worden in het eurogebied, maar dan is Univé tevreden met een regionale positie daarbinnen. In feite proberen wij de menselijke maat van de regionale onderlinge te koppelen aan de kracht van een grote maatschappij. En daarbij ligt onze taak meer bij de huidige leden-verzekerden dan bij de mogelijkheid om nieuwe verzekerden aan ons te binden." Niet één maat Er hoeft dus volgens Meinders niet direct aan de schaalgrootte van het geheel te worden gesleuteld, maar hoe zit het met de schaalgrootte van de delen, dat wil zeggen de lokale onderlingen in het land? Meinders wijst erop dat die afhankelijk is van de regionale gegevenheden. Er zijn immers kleine onderlingen die dankzij de betrekkelijke eenzijdigheid van de portefeuille toch voldoende deskundigheid in huis hebben om tegemoet te komen aan datgene wat de leden-verzekerden van hen vragen. "Maar is je ambitie anders," aldus Meinders, "wil je in een redelijk groot gebied totaalverzekeraar zijn, dan heeft dat uiteraard consequenties voor de grootte van de onderlinge en voor het aantal medewerkers dat er werkt. Het is niet meer mogelijk om zowel de administratieve en financiële taken als de verzekeringstechnische en commerciële taken in één medewerker te bundelen. Wil je dus tegemoetkomen aan vragen van je leden-verzekerden, wil je met andere woorden een breder productenpakket bieden, dan betekent dat onmiddellijk een uitbreiding van je dienstverlening en dus een uitbreiding van het aantal medewerkers. En sommige deskundigheid is zo schaars of zo duur, dat je een zekere schaalgrootte nodig hebt om die in huis te kunnen halen." De lokale kantoren kunnen deze schaalgrootte bereiken door autonoom te groeien, maar ook door met naburige onderlingen samen te gaan. Meinders verwacht daarom dat het aantal Univé-onderlingen in de nabije toekomst eerder zal afnemen dan toenemen. Over het aantal onderlingen over tien of twintig jaar, doet hij geen voorspellingen. Hij zegt: "Het is duidelijk dat de gemiddelde schaalgrootte van de onderlingen ieder jaar zal stijgen, maar het is niet aan te geven tot welk niveau die zal stijgen. Wel ben ik ervan overtuigd dat er een redelijke bandbreedte zal blijven bestaan voor de medewerkersaantallen van onderlingen. Er is niet één maat voor de Univé-onderlingen, behalve de maat op basis waarvan zij voor de eigen regio aanspreekbaar zijn." Breder productenpakket De verbreding van het productenpakket waar Meinders op doelde, krijgt momenteel veel aandacht binnen Univé. De pijlers van de maatschappij zijn van oudsher zorg, motorrijtuigen, aansprakelijkheid en natuurlijk brand, de 'core business' van de onderlingen zelf. Univé is echter minder prominent aanwezig op de leven- en hypothekenmarkt, niettemin een groeimarkt bij uitstek voor de meeste verzekeraars in Nederland. Om ook op deze markt een positie voor de leden-verzekerden in te kunnen nemen, is Univé nu bezig met een inhaalslag op het gebied van productontwikkeling, verkoopondersteuning en kennisverbreding in de verkooporganisatie. Volgens Meinders is de motivatie groot om met deze producten aan de slag te gaan, omdat met name de eenvoudige leven- en spaarproducten voor een goede binnenkomer bij de klant kunnen zorgen. Of Univé in het verlengde daarvan ook meer ingewikkelde levenproducten op de markt gaat brengen, is nog de vraag. "Univé is groot geworden door op de kosten te letten," aldus Meinders. "Je moet je daarom telkens afvragen of je aan een vraag vanuit de verkooporganisatie moet voldoen door een nieuw product beschikbaar te stellen. Je weet van tevoren dat dat een ontzettende druk op productontwikkeling en IT-capaciteit legt en dus hoge kosten met zich meebrengt. Ik ben daarom van mening dat je altijd moet kijken naar het volume dat je kunt bereiken en of het past binnen het behoeftenpatroon van een groot deel van je leden-verzekerden." Desolidariseren Meinders heeft vertrouwen in de toekomst van Univé. Eén donkere wolk is er echter wel: de individualisering van de samenleving, die immers niet strookt met de coöperatieve gedachte van de onderlinge wereld. Volgens Meinders ontkomt ook Univé er niet aan om 'mee te desolidariseren' met de omgeving en hij wijst wat dat betreft op de steeds verdergaande differentiatie in tarieven, de scherpere acceptatienormen en bijvoorbeeld ook de leeftijdafhankelijke premiestelling in de zorgsector. "Je kunt je daar niet aan onttrekken," zo zegt hij, "want anders word jij de vergaarbak van slechte risico's. Uiteindelijk zijn we bijna in staat om voor iedereen een individueel risico en een individuele premie vast te stellen. Dan betaalt iedereen zijn eigen schade en heeft het niets meer van doen met verzekeren, maar alles met financieren. Ik vind dat je daarmee aan je doelstelling voorbij schiet. Univé wil niet alleen verzekeren, Univé wil ook helpen. Wij willen niet alleen bloot het financiële risico van een verzekerde overnemen, maar hem vooral ook van een zorg ontlasten. Dat komt al tot uitdrukking in alle mooie namen van onderlingen als Draagt Elkanders Lasten, Vooruitgang en Geluk, Elkanders Belang en zo meer. Die namen geven aan dat je bereid bent om iets voor elkaar te betekenen. Univé wil dat ook, maar het is niet altijd gemakkelijk om dat goed voor het voetlicht te brengen!" Kadertekst: Onder één vlag Univé Verzekeringen ontstond begin jaren negentig door de fusie van drie onderlinge (her)verzekeringsmaatschappijen: Verzekeringen DLG in Assen, de NOVO Groep in Zwolle en een jaar later Noord-Holland-Noord in Alkmaar. Hoewel Univé op zich een jonge organisatie is, heeft de maatschappij bijzonder oude wortels in de samenleving. De oudste onderlinge die bij Univé is aangesloten, Univé Winsum-Eenrum, werd in 1794 opgericht als de Sociëteit van Onderlingen Bystand in gevallen van Brand. Momenteel zijn tachtig onderlingen bij Univé aangesloten, met in totaal zo'n honderdvijftig kantoren in met name het noorden en oosten van Nederland en Noord- en Zuid-Holland. Univé heeft hoofdkantoren in Assen, Alkmaar, Kerkrade (vanwege het collectief ziektekostencontract met het Ministerie van Defensie) en Zwolle. In Zwolle werd in november 1997 een nieuw kantoorpand in gebruik genomen. Het biedt onderdak aan het bestuurlijk centrum van de organisatie, de ondersteunende concerndiensten en de divisie Leven van Univé. Met een premie-inkomen van bijna 2 miljard gulden hoort Univé tot de grotere verzekeraars in Nederland. Verschenen in: de Onderlinge, FOV, 1998 Peter van Steen, tekstschrijver, info@petervansteen.nl |