A.W.J.M. Verkroost, directeur van de SOBH (1997)

Een hechte band op de achtergrond

In het begin van de jaren twintig verkeerden de nog jonge landbouworganisaties in de provincie Utrecht in grote problemen. De Stichtsche Boerenbond, opgericht in 1905, moest worden opgeheven en dientengevolge werd de Onderlinge Brand-Herverzekering van den Stichtschen Boerenbond, opgericht in 1921, geliquideerd. Daardoor ontstond voor de onderlinge brandverzekeringen in de regio een gemis aan een herverzekering. Op 20 december 1924 werd daarom de Stichtsche Brand-Herverzekering opgericht. Als eerste leden traden toe de onderlingen van Benschop, Blaricum, Bodegraven-Meye, Harmelen, Houten, Jutphaas en Kamerik. Nu, bijna vijfenzeventig jaar later, zijn dertig onderlinge brandverzekeringmaatschappijen in Utrecht en Noord- en Zuid-Holland herverzekerd bij de Stichtsche Onderlinge Brand-Herverzekering (SOBH) in De Meern.

Grondlegger en drijvende kracht van de Stichtsche Brand-Herverzekering was W.N. de Vrankrijker. Hij was ook mede-oprichter van de Boerenleenbank in Harmelen, secretaris-boekhouder van de Onderlinge Brandverzekering voor Harmelen, Oudenrijn, Veldhuizen en Omstreken en gewezen voorzitter van de Stichtsche Boerenbond. Na het overlijden van De Vrankrijker in 1933 werd diens zoon M.W.G. de Vrankrijker boekhouder/secretaris van de brandherverzekering. Hij overleed twintig jaar later, in 1953, en werd toen opgevolgd door zijn zus, mejuffrouw C.W.M. de Vrankrijker. Zij was het tot slot die de huidige administrateur, met de titel van directeur, A.W.J.M. Verkroost in het vak van de onderlinge brandherverzekering heeft ingewijd.

Kaartje leggen?

Fons Verkroost, nu 53 jaar, trad op 1 oktober 1972 in dienst van de SOBH. De maatschappij was toen nog gevestigd in een statig pand aan de Mariahoek in Utrecht, tevens het woonhuis van mejuffrouw De Vrankrijker en haar huishoudster juffrouw Tonia. "Als ik daar 's morgens om negen uur kwam," zo herinnert Verkroost zich, "en de dames wat later waren opgestaan, dan moest ik op de stoep wachten. En 's middags werd ik weleens gevraagd of ik niet zin had om beneden een kaartje te komen leggen. Nu is zoiets natuurlijk ondenkbaar geworden." Na het overlijden van mejuffrouw De Vrankrijker in 1985 heeft de SOBH nog geprobeerd het kantoorpand/woonhuis te kopen (van de oud-katholieke Kerk), maar toen dat niet lukte liet de maatschappij een eigen kantoor in de dorpskern van De Meern bouwen.

Brede ondersteuning

Momenteel zijn dertig onderlingen bij de SOBH herverzekerd (die op haar beurt voor het grootste deel is herverzekerd bij Rhein-Rück Versicherung). Daarnaast heeft een aantal andere onderlingen, ook buiten de brandsector en buiten de regio Utrecht en Noord- en Zuid-Holland, contacten met de SOBH die niet met herverzekering hebben te maken. Deze contacten betreffen bijvoorbeeld het gebruik van het systeem OASE, het 'onderling automatiseringssysteem exclusief', dat met subsidie van de SOBH werd ontwikkeld. Verkroost vergelijkt de SOBH wat deze bredere ondersteuning van de aangesloten onderlingen betreft met Univé. Hierover zegt hij: "In feite zitten wij op dezelfde lijn. Niets dan goeds over het Univégebeuren, want dat is natuurlijk uitstekend voor de onderlingen die zich daar happy bij voelen. Wij werken echter de andere kant op. Univé richt zich op het versterken van de groep, onder de vlag van Univé, terwijl de SOBH zich richt op het versterken van de individuele onderlingen, zonder daarbij zelf op de voorgrond te treden."

Saamhorigheid

De SOBH is er niet direct op uit om nog meer onderlingen te herverzekeren, maar propageert het deelnemer-lidmaatschap van de SOBH wel. Verkroost: "We hebben weleens het gevoel dat een onderlinge die helemaal zelfstandig via een makelaar is herverzekerd, eigenlijk te weinig van de markt hoort en ziet. Onze onderlingen nemen deel in commissies en praten met elkaar, als in een echte vriendenkring, over zaken op verzekeringsgebied, versterking van de onderlingen en de wijze van ledenbinding. Wij vinden dat mensen niet alleen maar lid van een onderlinge moeten zijn omdat ze dan goedkoop uit zijn, nee, zij moeten lid zijn om saamhorigheid met elkaar te hebben. Dat is heel moeilijk, maar we zijn er wel druk mee bezig." In het verlengde hiervan wil de SOBH begeleiding en (financiële) ondersteuning geven bij de oprichting van onderlingen in gebieden waar nu nog geen onderlinge is gevestigd. Vanuit het ledenbestand van landelijk werkende onderlingen wordt dan geprobeerd nieuwe lokale onderlingen op te richten. "Met een eigen bestuur, want dat is belangrijk voor dat gevoel van saamhorigheid," aldus Verkroost.

SOM voor varia

De SOBH gaat met de tijd mee - met ingang van dit jaar werd bijvoorbeeld het voorschot- en omslagsysteem door vaste premies vervangen - en de maatschappij boekt goede resultaten. Jaarlijks kan een behoorlijk bedrag aan de reserve worden toegevoegd, welke momenteel 6,3 miljoen gulden bedraagt. Vijf jaar geleden werd bovendien de variamaatschappij SOM opgericht, de samenwerkende onderlinge verzekeringmaatschappijen coöperatie U.A., een 'zusterorganisatie' van de SOBH (hoewel een overkoepelende moeder ontbreekt). Dit was nodig om te voorkomen dat leden van onderlingen met aantrekkelijke pakketkortingen naar tussenpersonen werden gelokt. De SOM opereert nu als een volmachtorganisatie van De Nederlanden van 1870, maar zal binnenkort worden omgevormd tot een onderlinge op aandelen. Deze aandelen worden dan uitsluitend te koop aangeboden aan de aangesloten leden-onderlingen, die de aandelen niet aan derden kunnen doorverkopen. Momenteel zijn 35 onderlingen bij de SOM aangesloten.

Liefde voor het vak

Toen Fons Verkroost in 1972 in dienst van de SOBH trad, was hij de enige medewerker op het kantoor. Nu werken er elf mensen, waarvan er vijf in dienst zijn van de SOM. Bovendien voert het kantoor, al vanaf de oprichting van de SOBH, de administratie van de Onderlinge Brandverzekering 'Harmelen e.o.' en, sinds een jaar of vijftien, de administratie van de Onderlinge Utrecht. De liefde voor het vak, voor de onderlinge wereld, is op overtuigende wijze overgedragen van de familie De Vrankrijker naar de huidige directie en medewerkers. Mejuffrouw De Vrankrijker, die na haar terugtreden in 1975 de geschiedenis van de SOBH beschreef, concludeerde tot slot: "Bij het onderling systeem hebben de deelnemers zeggenschap en zijn de premiekosten belangrijk lager. Het blijkt dat dit systeem ook thans nog aan de moderne eisen van inspraak en efficiëntie voldoet!"

Verschenen in: de Onderlinge, 1997

Peter van Steen, tekstschrijver, info@petervansteen.nl