|
||
|
R.A.P. van Notten, directeur van de Stichting Kringloop Glas (2001)
Een flexibele kringloop in een veranderende marktDe glasindustrie zal haar afnamegarantie 'om niet' ten aanzien van ingezameld glas alleen kunnen volhouden als de juiste hoeveelheid glas op kleur wordt ingezameld en er minder vervuiling optreedt. Dit is dan ook de inzet van mr. Robert van Notten, directeur van de Stichting Kringloop Glas, in de gesprekken over de verlenging van het Convenant Verpakkingen. De Stichting Kringloop Glas vormt het aanspreekpunt betreffende glas (en is daartoe ook opgericht) binnen de structuur van het Convenant Verpakkingen. In dit convenant is afgesproken dat naar een inzameling en hoogwaardige herverwerking wordt gestreefd van negentig procent van het glas op de Nederlandse markt. De gemeenten zorgen voor de inzameling en de glasindustrie staat er garant voor dat het ingezamelde glas wordt afgenomen en herverwerkt. Om dit te kunnen waarmaken, is over de kwaliteit van de inzameling, ten aanzien van vervuiling en scheiding op kleur, een aantal afspraken gemaakt. Deze afspraken lopen tot 31 december 2001 en voor de periode daarna moet er dus een nieuwe invulling aan worden gegeven. FlexibiliteitRobert van Notten: "Bij de afnamegarantie is de voorwaarde gesteld dat vijftig procent van het glas op kleur gescheiden moet worden ingezameld. De glasindustrie heeft lange tijd prima met die vijftig procent kunnen leven, maar omdat de inzameling zo enorm is toegenomen, zijn de verhoudingen anders komen te liggen. We moeten met andere woorden meer op kleur gescheiden scherven aangeboden krijgen om ons aan de afnamegarantie te kunnen houden. Het is wat dat betreft belangrijk om goed te kijken hoe de markt zich ontwikkelt. Zodra de markt weer in de richting van meer gekleurd glas beweegt, moet die verhouding weer kunnen veranderen. Daarom willen we, om voor alle partijen de kosten zo laag mogelijk te houden, een systeem hebben waar zo'n flexibiliteit is ingebouwd. Dat betekent dat we met elkaar in overleg moeten kunnen treden en niet star moeten vasthouden aan afspraken die jaren geleden zijn gemaakt. Een gescheiden inzameling van welk materiaal dan ook heeft immers alleen maar zin als er voor dat materiaal een afzetmarkt is." Vervuiling"Daarnaast hebben we zorg over de vervuiling. De recyclers treffen de meest vreemdsoortige voorwerpen in de glasbakken aan. Overigens zien ook de inzamelaars van bijvoorbeeld papier en textiel de kwaliteit van de inzameling teruglopen. We kunnen het niet hard maken, maar we denken dat de gedifferentieerde tarifering door gemeenten, 'diftar', waarbij mensen die minder afval aanleveren ook minder hoeven te betalen, daar zeker een element bij is. Mensen zullen proberen om hun afval op andere manieren kwijt te raken, bijvoorbeeld door het in de glasbak te stoppen. Het is een taak van de gemeenten om duidelijk te communiceren dat dat niet de bedoeling is en de gemeenten zouden daar ook op moeten toezien. De recyclers weten precies in welke buurten of straten de glasbakken worden vervuild en het is dus aan de gemeenten om daar maatregelen op te nemen!" aldus Robert van Notten. Verschenen in: Special Magazine van Revue Arts, 2001 Peter van Steen, tekstschrijver, info@petervansteen.nl |