|
||
|
V.J. de Waal, directeur van Walinco (1999)
Over de zekerheid van het bestaan van het gespecialiseerde heibedrijfIn het funderingsbedrijf lijkt de beste toekomst weggelegd voor de grootste mammoetbedrijven met de laagste productiekosten en daarnaast voor de meest gespecialiseerde bedrijven met de beste technieken en de juiste kennis in huis. Walinco puls- en heibedrijf b.v. in Amsterdam is zo'n gespecialiseerd bedrijf. Dit wil echter niet zeggen dat de toekomst van de onderneming helemaal zorgeloos is. Er is werk genoeg, maar met te veel pieken, tegen een erg lage prijs en met te weinig personeel. Dit blijkt althans in een vraaggesprek met dr.ir. V.J. de Waal, sinds 1983 directeur van Walinco. Met Victor de Waal bespraken we de zekerheid van het bestaan van het gespecialiseerde funderingsbedrijf. Walinco is gespecialiseerd in funderingswerk en vijzelwerk in beperkte werkruimten, waarbij dus bijzondere technieken en speciale kleine funderingsmachines moeten worden ingezet. Onuitvoerbare opdrachten zijn voor Walinco niet voorstelbaar. Bijvoorbeeld heiwerk voor een extra verdieping op een gebouw, midden in een levensmiddelenfabriek die in volle productie is, waarbij absoluut geen vervuiling mag optreden en het productieproces voortgang moet vinden, is stellig een lastige klus, maar voor Walinco een uitdaging. Van vader op zoonIn het bedrijf is bijna negentig jaar lang specialistische kennis en ervaring van vader op zoon doorgegeven. De overgrootvader van de huidige directeur had een waterleidingbedrijf en verzocht zijn zoon, in 1911, betonnen buizen voor bronnen te ontwikkelen (in plaats van de stalen buizen die erg duur werden). Die betonnen buizen bleken achteraf voor het waterleidingbedrijf minder geschikt, maar als funderingspalen voldeden ze heel goed. Zo begon de grootvader van Victor de Waal als eerste in Nederland met gedrukte en gepulste palen in kleine ruimten te werken. Deze palen werden met ballast of met het gebouw zelf als tegengewicht de grond ingedrukt. In 1982 richtten Victor de Waal en zijn vader een nieuw bedrijf op, het huidige Walinco. De Waal had destijds zijn studie Technische Natuurkunde aan de Technische Universiteit Delft afgerond en was bezig met zijn promotie-onderzoek op het gebied van supergeleidende micro-elektronica. Nadat hij dit onderzoek in 1983 met het proefschrift 'Low noise squids' had afgerond, werd hij directeur van Walinco. Sindsdien heeft hij zich bezig gehouden met de bedrijfsorganisatie, advies op het gebied van funderingen en innovatie op het gebied van de funderingspalen. Daarnaast werkt hij mee aan nationale en Europese richtlijnen en normen op het gebied van speciale funderingstechnieken en micropalen. Portefeuille-ontwikkelingWalinco heeft een goed aanbod van opdrachten. Jaarlijks voert het bedrijf zo'n driehonderd projecten uit, grotendeels in Nederland en soms in België of Duitsland. Walinco heeft bijvoorbeeld funderingswerk uitgevoerd voor het Boerhaave Museum in Leiden, het oudste huis van Amsterdam aan de Zeedijk, het Amstel Hotel, de Sint Maartenstoren in Tiel, het Koninklijk Theater Carré in Amsterdam, de Martinikerk in Bolsward en het Stadsdeelkantoor Oost, voorheen het Burgerziekenhuis, in Amsterdam. Verder heeft het bedrijf werk verricht in honderden monumenten, een groot aantal kerken en ook infrastructurele projecten. Het heeft funderingen gemaakt voor verbouwingen, liften, kunstwerken, masten, duizenden aanbouwtjes aan woningen in moeilijk bereikbare achtertuinen en 'last but not least' de nulpalen voor Rijkswaterstaat, dat wil zeggen de referentiepunten voor de meting van de waterstanden. Momenteel participeert Walinco ook in een bodemsaneringsproject, waarbij een gebouw op palen moet worden 'opgevangen' om vervolgens de vervuilde grond weg te kunnen halen. De Waal koestert de zekerheid dat dit aanbod van werk, met name op het gebied van funderingsherstel en aanvullingen van bestaande funderingen, zich fiks zal doorzetten. "Het gaat zelfs nu misschien iets harder," zo zegt hij, "omdat de maatschappij zich dat financieel kan permitteren, maar er zijn meer factoren die dat veroorzaken." Zeker weten"Om te beginnen," zo vervolgt De Waal, "is er een verschuiving in de tendens om eerder te verbouwen in plaats van nieuw te bouwen. Daarnaast stellen mensen steeds hogere eisen aan hun woomomgeving en dus aan de staat van onderhoud van hun huis. Daar hoort de fundering tegenwoordig ook bij. Vroeger ging men pas nadenken over de fundering als het huis al op instorten stond, maar tegenwoordig moet er al bij het minste of geringste scheurtje iets aan de fundering worden gedaan. Men wil gewoon dat het allemaal in orde is. Wie een grachtenpand voor twee miljoen koopt en voor een miljoen verbouwt, doet die fundering van anderhalve ton er meteen bij. Die neemt daar geen risico mee. Vroeger was het ook zo dat de fundering een heel groot deel van de kosten was, maar dat wordt een steeds kleiner onderdeel. Als men alles met goud gaat behangen, dan maakt die fundering niet meer uit. Je ziet dat ook in de industrie, waar de verschillen nog groter zijn. Als daar op een werkvloer voor honderd miljoen gulden aan installaties komt te staan, waarvoor een extra fundering van een miljoen gulden nodig is, dan denk je niet lang na. Dan wil je zeker weten dat het goed is." Vervelende fluctuatiesVictor de Waal voorziet dus dat er nog een lange reeks van jaren voldoende werk voor zijn bedrijf zal zijn, ondanks het feit dat er naar zijn schatting inmiddels al wel zestig concurrenten 'in de kleine ruimte' werkzaam zijn, vaak met allemaal verschillende methoden en technieken. Maar voldoende werk is niet goed genoeg. "Er zitten grote fluctuaties in het aanbod en die kunnen heel vervelend zijn," zegt De Waal. "Als er een jaar lang geen werk is, dan is het voor veel bedrijven natuurlijk heel moeilijk om zo'n periode te overbruggen." Een ander probleem is het blijvend lage prijsniveau, waarmee de gespecialiseerde heier even goed heeft te maken als zijn collega in het open veld. De Waal: "Ik heb een keer een aantal offertes gezien voor palen die mijn grootvader vijfendertig jaar geleden ook maakte. Die prijzen zijn sindsdien met misschien dertig procent gestegen. In feite is dat dus een prijsdaling. Natuurlijk zijn de machines beter en gaat alles sneller en net iets anders dan vroeger, maar de prijzen zijn gewoon te laag." SchaarsteHet grootste probleem echter verwacht De Waal te moeten oplossen op het gebied van het personeel. Nu werken er zo'n twintig à vijfentwintig medewerkers bij Walinco, maar behoud van personeel, laat staan uitbreiding van het bedrijf, wordt steeds moeilijker. "Ik geloof dat iedereen liever iets anders doet dan bij ons werken," zegt De Waal tot slot. "Het is vrij zwaar werk, het is geen schoon werk en eigenlijk liggen de lonen wat te laag. Een werknemer bij ons heeft er moeite mee als zijn vrouw achter het loket van een bank, zonder dat ze daar een opleiding voor heeft hoeven te doen, meer verdient dan hij. Ik geloof ook dat we ergens elkaar het probleem aanpraten. Als we alle salarissen met dertig procent verhogen en dat in de prijs kunnen verdisconteren, dan is het probleem toch zo opgelost? Er moet eerst schaarste ontstaan, zodat de prijzen tot in de hemel schieten. En die schaarste is nu al duidelijk, die is aan het komen. Als de economie zo voortgaat, dan lost het probleem van die lage prijzen in de komende tijd zichzelf op. Op een gegeven moment zal er een prijs ontstaan waarvoor het minder moeilijk zal zijn om goede mensen in dienst te nemen!" Verschenen in: Special Magazine van Revue Arts, 1999 Peter van Steen, tekstschrijver, info@petervansteen.nl |