S.W. van Schaijck, burgemeester van Geldermalsen (1999)

Geldermalsen wil geen toplocatie zijn

Op het kruispunt der vier windstreken ligt Geldermalsen, maar de gemeente hangt deze geografische en economische bijzonderheid niet aan de grote klok. Liever dan in de vaart der volkeren mee te gaan, houdt men in Geldermalsen voor hetgeen van buiten komt de deuren gesloten. Het behoud van de landelijke rust scoort al jaren bijzonder hoog in de gemeentelijke politiek. Mr. S.W. van Schaijck, sinds 1993 burgemeester van Geldermalsen, legt uit waarom zijn gemeente zich nu eens niet als het middelpunt van de wereld afficheert.

De gemeente Geldermalsen omvat elf dorpen. Aan de noordoever van de Linge liggen Acquoy, Rhenoy, Beesd, Tricht en Buurmalsen en aan de zuidoever Gellicum, Rumpt, Enspijk, Deil en Geldermalsen. Het elfde dorp, Meteren, ligt iets ten zuiden van Geldermalsen. In totaal telt de gemeente ruim 24.000 inwoners, van wie er 10.000 in de kern Geldermalsen wonen. De gemeente is op 1 januari 1978 ontstaan door de samenvoeging van de voormalige gemeenten Beesd, Buurmalsen, Deil en Geldermalsen.

Drielandenpunt

De plaats Geldermalsen dankt haar ontstaan aan een knooppunt van wegen, maar diezelfde wegen zitten de gemeente behoorlijk in de weg. Het betreft de geschiedenis van de eeuwenoude noord-zuid-route van Utrecht via Culemborg en Zaltbommel naar 's-Hertogenbosch. Op deze weg was er al in de Middeleeuwen volop verkeer van voetgangers en ruiters. Pelgrims uit de Skandinavische landen en het noorden van Duitsland bijvoorbeeld volgden deze route tijdens hun bedevaart naar Santiago de Compostela in Spanje. De geschilderde jacobsschelpen in de Hervormde Kerk in Buurmalsen duiden daar nog op. Deze drukke noord-zuid-route kruiste de rivier de Linge - met aan de zuidoever daarvan het eveneens veelbegaande pad van Gorinchem naar Arnhem - precies op het 'drielandenpunt' van het bisdom Utrecht (bij Tricht), het graafschap Buren (bij Buurmalsen) en het hertogdom Gelre (bij Geldermalsen). De oudste vermelding van 'de heerlijkheid Malsen behorend bij Gelre' dateert van 850. Opgravingen in het dorp wijzen er overigens op dat de plaats al in de Romeinse tijd werd bewoond.

Knooppunt Deil

De overtocht van de Linge bij Geldermalsen geschiedde tot 1849 met een particulier veer. In dat jaar werd een houten ophaalbrug gebouwd, die later met ijzeren kolommen en gietijzeren hameistijlen werd versterkt, in de jaren twintig nog eens tot het uiterste werd verbreed en in 1941 door een betonnen brug werd vervangen. Toch ontstonden in die jaren al grote verkeersproblemen op en aan weerszijden van de brug en onder andere daarom werd in 1936 zes kilometer verderop een nieuwe autoweg in gebruik genomen, de huidige A2 tussen Vianen en Waardenburg. Inmiddels was de route van west naar oost ook verlegd, maar dan naar het zuiden. Eerst kwam er een straat die niet over de markt leidde, vervolgens een provinciale weg buiten het dorp om en tot slot de A15 tussen Rotterdam en Arnhem. De kruising van de A2 en de A15 heet nu het knooppunt Deil. Overigens geldt Geldermalsen ook als een knooppunt in het spoorwegennet, met lijnen richting Utrecht, 's-Hertogenbosch, Dordrecht en Arnhem. Ten behoeve van het spoor werd in 1867 bij Tricht een spoorbrug over de Linge gebouwd. Nadat deze brug in april 1945 door de Duitsers was opgeblazen, werd er zo snel mogelijk een hulpbrug aangelegd, die echter vandaag de dag nog steeds dienst doet.

Onder curatele

Aan de infrastructuur heeft Geldermalsen haar ontstaan te danken en de infrastructuur geeft de plaats en de omgeving grote kansen, maar voor de gemeente is zij toch eerder een last dan een lust geweest. Na de gemeentelijke herindeling in 1978 ontstond een nieuwe gemeente van ruim 10.000 hectare groot, zo'n twintig kilometer op het breedst, met een enorme hoeveelheid straten en wegen waaraan jarenlang te weinig onderhoud was gepleegd. De gemeente kon de kosten hiervan niet meer zelf opbrengen en kreeg daarom in 1991 de status van Artikel-12-gemeente. "We waren gewoon failliet," zegt burgemeester Van Schaijck, "en kwamen dus onder curatele van de provincie en het rijk te staan. Dat is een hele moeizame periode geweest, ook voor de wethouders en de raadsleden. Er was geen enkele ruimte voor nieuw beleid en we hebben enorm moeten bezuinigen, twee jaar geleden nog eens structureel een miljoen gulden. In overgrote meerderheid ging de raad achter onze voorstellen staan, maar het was politiek gezien natuurlijk niet leuk." In het najaar van 1998 kon de gemeente de provincie en het rijk ervan overtuigen dat ze haar zaken ook financieel weer zelf kon bestieren, maar de littekens van het onder curatele staan zijn nog niet verdwenen. "Het voorzieningenniveau is verschraald," zegt Van Schaijck, "bijvoorbeeld in de welzijnssfeer. Die voorzieningen zouden wat luxer en ruimer moeten zijn dan nu het geval is." Een gevolg is ook geweest dat de gemeente Geldermalsen gemiddeld het hoogste belastingenniveau in Nederland heeft. "Daar zijn we niet trots op," aldus Van Schaijck. "Er ligt daarom nu een voorstel van B&W aan de raad om de onroerendzaakbelasting aan het eind van dit jaar met vijf procent te verlagen."

Lingebrug, Betuwelijn en Randstadspoor

Het uitgebreide wegennet in de gemeente is inmiddels opgeknapt en de Artikel-12-status als gevolg daarvan geldt niet meer, maar voor Geldermalsen is de worsteling met de infrastructuur nog niet ten einde. Al sinds jaren wordt over een tweede brug over de Linge gesproken, voor een betere ontsluiting van het bedrijvengebied en een ontlasting van de dorpskern. "Voor die tweede brug zijn er natuurlijk nog onvoldoende middelen," zegt Van Schaijck, "dus dat zal niet eenvoudig worden." Een grootschaliger probleem van infrastructurele aard betreft de Betuwelijn, die pal aan de zuidkant van Meteren zal worden aangelegd. Van Schaijck: "Daar zijn we ambtelijk en bestuurlijk zes jaar lang heel druk mee geweest, maar wat we uiteindelijk voor elkaar hebben gekregen, een iets betere aansluiting op de A15 bij Meteren, is toch maar heel bescheiden. Ik ben daar niet tevreden over." Ook de vernieuwende plannen met de spoorlijn van noord naar zuid, voor een snelle en gemakkelijke verbinding tussen Geldermalsen, Utrecht en Woerden als onderdeel van Randstadspoor, liepen op een teleurstelling uit. "Er was al een greep in de landelijke pot gedaan en daardoor zat er onvoldoende meer in. De eerste acht jaar kan die voorziening dus niet meer worden gerealiseerd." Ook het knooppunt van de spoorlijnen zelf, dat wil zeggen de onmiddellijke omgeving van het station van Geldermalsen, is aan een grondige herinrichting toe, "maar ook dat is geen eenvoudig zaak," zegt Van Schaijck, "ook hierbij zit er tussen kosten en opbrengsten nog een heel groot gat."

Zo landelijk mogelijk

De geografische ligging van Geldermalsen, met auto- en spoorwegknooppunten in de onmiddelijke omgeving, biedt de gemeente grote ontwikkelingskansen. Zij heeft zich daar echter nooit voor opengesteld en ook in het streekplan is er niet in voorzien. Voor grote distributiecentra als van Albert Heijn en Blokker is in de afgelopen jaren een uitzondering gemaakt, maar verder blijft de gemeente zo goed als gesloten. Voor bedrijvigheid, en overigens ook voor woningbouw, geldt het beginsel dat slechts in bescheiden mate in de lokale behoefte zal worden voorzien. En het lokale bedrijfsleven floreert, dus die behoefte is er volop. Vanuit de aangrenzende gemeenten Lingewaal en Neerijnen, waar in het geheel geen ruimte voor industrie is, zou nog een enkel bedrijf zich in Geldermalsen mogen vestigen, maar de uitbreiding van het bedrijvengebied zal in totaal niet meer bedragen dan 2,5 à 3 hectare per jaar tot 2015. "Als wij vandaag bij Deil een bordje 'industrieterrein te koop' zouden zetten, dan zijn we de grond morgen kwijt," aldus Van Schaijck. "Want we hebben hier natuurlijk een toplocatie. Maar al sinds jaar en dag wil de raad dat uitdrukkelijk niet. Het is het beleid van de raad om maar heel bescheiden te groeien en om vooral landelijk te blijven. We liggen dicht tegen de Randstad aan, maar hebben niet de behoefte om daar op wat voor manier op in te spelen of van te profiteren. Ook het toerisme in de kernen en langs de Linge wil de raad niet met extra maatregelen stimuleren. Op mooie dagen komen de fietsers en wandelaars toch wel."

Fruitteelt verdwijnt

In hoeverre de gemeente Geldermalsen haar landelijke, gesloten karakter ook in de toekomst zal kunnen behouden, lijkt opnieuw een zaak van infrastructuur en ruimtelijke ordening te zijn. In de op komst zijnde Vijfde Nota Ruimtelijke ordening zal een keuze worden gemaakt langs welke 'corridor' in Nederland, van west naar oost, uitbreidingen van woon- en industriegebieden zullen gaan plaatsvinden: langs de lijn Utrecht-Amersfoort-Arnhem of langs de lijn Rotterdam-Geldermalsen-Arnhem. Wordt het de Betuwe, dan zal er op de Veluwe niets meer mogen worden gebouwd - en omgekeerd. Los van deze keuze zal zich voor Geldermalsen een nog groter landschappelijk probleem aandienen: de leegloop van het buitengebied. Het gaat immers al jaren niet goed met de fruitteelt, de trots van de Betuwe. Na opnieuw een weelderige bloesemperiode was de oogst prachtig dit jaar, maar deze moest onder de kostprijs worden verkocht. Meer en meer fruittelers beëindigen daarom hun bedrijf of zullen er straks geen opvolger voor kunnen vinden. "En wat moeten we dan met die grond?" zegt Van Schaijck. "Dat wordt een groot probleem, niet alleen voor ons, maar voor elke landelijke gemeente. Je kunt niet alles met woningen of bedrijven volbouwen, je kunt niet van elke boerderij een kampeerboerderij maken en je kunt ook niet overal natuurgebieden gaan ontwikkelen. Maar wat dan wel? Wij hebben daar nog onvoldoende idee van, maar het probleem komt wel op ons af. Samen met andere overheden moeten we daar heel snel over gaan nadenken!"

Verschenen in: ABP Wereld, voorjaar 2002

Peter van Steen, tekstschrijver, info@petervansteen.nl