|
||
|
J.B. Picckers, OPL Architecten (2002)
Een bijzondere materialisering die van verre in het oog springtHet nieuwe pand van Van Wijnen Oost en Van Wijnen Arnhem en het ernaast gelegen gebouw voor de markt zijn ontworpen door architect drs. J.B. Picckers van OPL Architecten in Utrecht. De eerste schetsen voor de twee gebouwen dateren al van enkele jaren geleden, toen nog weinig vaststond over het toekomstige gebruik ervan en over de eisen waaraan ze zouden moeten voldoen. Bas Picckers vertelt hoe zijn ontwerp definitieve gestalte kreeg naarmate alle randvoorwaarden werden ingevuld. OPL Architecten aan de Museumlaan in Utrecht is een gerenommeerd architectenbureau dat al meer dan vijftig jaar bestaat. Er werken zes architecten en ruim twintig overige medewerkers. Het bureau is gespecialiseerd in utiliteitsbouw (kantoren, bedrijfsgebouwen, scholen en winkelcentra) en in de 'utilitaire kant' van de woningbouw (bijvoorbeeld appartementencomplexen met winkels en parkeergarages). OPL Architecten ontwierp eerder in opdracht van Van Wijnen het nieuwe bedrijfsgebouw van Van Wijnen Zuid in Waalwijk. Vanuit deze samenwerking werd het bureau al enkele jaren geleden gevraagd, door Van Wijnen Projectontwikkeling, om ook voor Van Wijnen Oost een nieuw pand te ontwerpen. Stedenbouwkundig"Destijds lag er een opdracht," vertelt Bas Picckers, "om op de kavel waar vroeger de Arnhemse Courant was gevestigd, twee gebouwen te realiseren: een voor Van Wijnen zelf, als gebruiker, en een voor de markt. De opgave was om bij elkaar een bepaald minimaal metrage op die locatie te kunnen realiseren. Om die massa's vast te kunnen stellen, begin je dan in feite met een voorbereidend stedenbouwkundig onderzoek en dat heeft nogal wat verschillende bebouwingsmodellen opgeleverd. Als ik in mijn geheugen terugga, denk ik dat we wel een stuk of tien verschillende modellen hebben opgesteld voor combinaties van kantoren en bedrijfsgebouwen op deze plaats." De voorstellen die destijds werden gemaakt, waren zeer uiteenlopend wat hoogte en oppervlakte van de bebouwing betreft, hetgeen mogelijk én noodzakelijk was, omdat de gemeente Arnhem nog niet vastbesloten was over de precieze eisen die in het gebied zouden gaan gelden. Picckers: "In het begin gingen we uit van een door de gemeente gestelde eis dat maximaal vijftig procent van het oppervlak dat we zouden realiseren, kantoorruimte mocht worden. In de loop van de tijd is de gemeente daar soepeler mee omgegaan en is daar uiteindelijk een verhouding van eenderde bedrijfsruimte en tweederde kantoorruimte uitgekomen. Dat heeft natuurlijk ook onze plannen doen bijstellen, want gingen we in onze modellen eerst van drie lagen uit, uiteindelijk hebben we vierlagige gebouwen gerealiseerd. Daardoor is natuurlijk de opbrengst voor de opdrachtgever ook groter." Een extra bouwlaag betekent overigens stedenbouwkundig gezien niet 'meer van hetzelfde de hoogte in'. Picckers: "Omdat je bij een bepaald metrage ook weer een bepaalde hoeveelheid parkeerplaatsen moet realiseren, levert een extra laag ook extra parkeerdruk op. Dat is allemaal het evenwicht waar je als architect in die beginfase naar zoekt: een optimaal bebouwingsmodel, gelet op de wensen van parkeren, de hoogte en de verhouding tussen kantoor en bedrijfsruimte bij elkaar. Dat evenwicht is eigenlijk de belangrijkste sleutel tot het ontwerp van de gebouwen geweest." In het oog springendDe twee gebouwen zoals die uiteindelijk zijn gerealiseerd, hebben een duidelijke band met elkaar, die echter vooral ook in de tegenstelling zit. De band manifesteert zich in het metselwerk en dan met name in de plint van donker metselwerk rondom de parkeerplaatsen. De tegenstelling vertoont zich in de redelijke standaardbouw van het gebouw voor de markt, een gemetseld blok van vier lagen hoog, terwijl aan het gebouw voor Van Wijnen Oost en Van Wijnen Arnhem wel degelijk extra aandacht is besteed. Dit blijkt zowel uit het ontwerp van het interieur, een ontwerp van Beijer Advies in Arnhem, als uit het ontwerp van het exterieur door OPL Architecten. Bas Picckers: "We hebben het kantoorgedeelte in twee delen uiteengebracht: de kantoren aan de achterzijde, die gelijk het naastliggende gebouw in metselwerk zijn gemaakt, en het gedeelte aan de voorzijde, dat we helemaal hebben verbijzonderd. De voorzijde hebben we in een andere vorm gerealiseerd, een gebogen vorm, en ook met een ander materiaal, namelijk een metalen beplating die kon worden rondgebogen. Het gebouw heeft daarnaast een terugliggende bovenste laag, waardoor er een verbijzondering op de derde verdieping ontstond. Het geheel staat op de begane grond op kolommen, waar ook de gevel duidelijk iets terugligt. Daar verbijzonderen we het gebouw aan de stoepzijde en vindt ook de entree zijn logische plek. Op deze manier onderscheidt het gebouw van Van Wijnen zich nadrukkelijk van het gebouw dat we voor de markt hebben ontworpen. Ten opzichte van het buurgebouw en door zijn bijzondere materialisering springt het duidelijk in het oog." "Ik ben zeer tevreden over het resultaat," aldus Bas Picckers. "We hebben lang met elkaar moeten zoeken om met name die metalen gevelbeplating te kunnen realiseren. Je hebt zoiets in je hoofd bij het ontwerpen, maar uiteindelijk moet het ook kunnen worden gemaakt, in die zin dat het dan ook vooral echt rond moet zijn. We hebben veel tijd en energie gestoken in de keuze van het materiaal dat we daarvoor het beste konden gebruiken en wat ook budgettair zou passen. In goed overleg met alle betrokken architecten en aannemers zijn we op een hele goede toepassing uitgekomen, die er echt zeer bijzonder uitziet." Verschenen in: Special Magazine van Revue Arts, 2002 Peter van Steen, tekstschrijver, info@petervansteen.nl |